Op 27 augustus kwamen Duitsland, Nederland, Denemarken, Oostenrijk, Finland en Zweden met een gezamenlijke verklaring over het Meerjarig Financieel Kader (MFK) 2028-2034. De zes nettobetalers eisen dat het Commissievoorstel van bijna 2.000 miljard euro met “meerdere honderden miljarden euro’s” wordt verminderd. Alle begrotingsrubrieken moeten volgens hen bijdragen aan die besparing. Ze verzetten zich bovendien tegen nieuwe gemeenschappelijke Europese schulden als oplossing voor de budgettaire problemen.
“De federale regering laat een kans liggen om de belangen van de Vlaamse belastingbetaler te verdedigen”
De afwezigheid van België is des te opmerkelijker omdat dit land ook in de huidige onderhandelingen als nettobetaler geldt. De Vlaamse regering omschreef Vlaanderen eerder zelf als nettobetaler aan de Europese begroting en verzette zich om die reden tegen een te sterke stijging van de nationale bijdragen. “Precies daarom is het zo merkwaardig dat België ontbreekt”, zegt Vandendriessche. “De federale regering laat een kans liggen om de belangen van de Vlaamse belastingbetaler te verdedigen.”
De regering-De Wever kent nochtans de mogelijke omvang van de factuur. Minister van Europese Zaken Maxime Prévot (Les Engagés) verklaarde op 1 april in de Kamer dat de gemiddelde budgettaire impact van het huidige MFK voor België ongeveer 4,4 miljard euro per jaar bedraagt en onder het Commissievoorstel met 56,4 tot 64 procent zou kunnen stijgen. In juli raamde minister van Begroting Vincent Van Peteghem (cd&v) de jaarlijkse impact bij behoud van het huidige stelsel van eigen middelen op gemiddeld ongeveer 7,2 miljard euro. Zelfs met de door de Commissie voorgestelde nieuwe eigen middelen zou het nog om ongeveer 6,9 miljard euro per jaar gaan. “De regering weet al langer dat de Europese factuur miljarden euro’s hoger kan uitvallen Dan moet België niet aan de zijlijn blijven wanneer andere nettobetalers op de rem gaan staan. De federale regering moet zich bij dat besparingsfront aansluiten en de Europese factuur naar beneden halen”, besluit Vandendriessche.
Robin Gouwy
Persmedewerker Vlaams Belang

BronHilde fileert
Kerninschatting: de feiten over de gezamenlijke verklaring van zes landen en de omvang van het Commissievoorstel kloppen. De titel dat België “weigert” mee te stappen gaat verder dan het publiek beschikbare bewijs. Ook de Belgische kostencijfers zijn ramingen, geen vaststaande toekomstige factuur.
Zes landen vragen forse verlaging van EU-budget
Bevestigd. Duitsland, Nederland, Denemarken, Oostenrijk, Finland en Zweden publiceerden op 27 augustus 2026 een gezamenlijke verklaring over het MFK 2028-2034. Daarin vragen zij dat het voorstel van de Commissie “met meerdere honderden miljarden euro’s” wordt verlaagd en dat alle begrotingsrubrieken bijdragen. Zij verwerpen ook nieuwe gezamenlijke Europese schuldopbouw als alternatief voor structurele hervormingen. België staat niet tussen de zes ondertekenaars. (bundeskanzler.de)
De kwalificatie “zes nettobijdragers” is politiek gangbaar, maar de verklaring zelf omschrijft de groep niet zo. Ze vraagt wel expliciet dat buitensporige onevenwichten in nettosaldi worden gecorrigeerd. Dat maakt duidelijk dat de nettobalans een drijfveer is, maar bewijst niet dat elk land volgens exact dezelfde boekhoudmethode nettobetaler is.
“België weigert” mee te doen
Niet bevestigd. Dat België de verklaring niet ondertekende, is controleerbaar. Maar een weigering veronderstelt dat België voor deelname werd gevraagd, die afwees, of bewust een tegengesteld standpunt innam. Daarvoor staat geen publiek bewijs in het persbericht.
Sterker nog: minister Maxime Prévot zei in de Kamer dat de door het Cypriotische voorzitterschap voorgestelde daling van 2 procent “duidelijk niet genoeg” is en dat België actief zoekt naar manieren om zijn budgettaire impact te beperken. België heeft dus publiek wel een kritische lijn over de omvang van het MFK. Tegelijk zei hij dat een Belgische korting of rebate niet op tafel ligt. Niet aansluiten bij deze zeslandenverklaring is daarom een feit; “aan de zijlijn blijven” en “weigeren” zijn politieke interpretaties. (dekamer.be)
Een Commissievoorstel van bijna 2.000 miljard euro
Bevestigd, met een belangrijke meetnuance. De Europese Commissie stelde op 16 juli 2025 een MFK 2028-2034 voor van bijna 2 biljoen euro, in lopende prijzen, of gemiddeld 1,26 procent van het EU-bni. Het gaat om een voorstel voor zeven jaar, niet om een jaarlijkse EU-begroting en evenmin om een definitief akkoord. Voor het MFK is unanimiteit in de Raad nodig, met instemming van het Europees Parlement. (commission.europa.eu)
Het verschil tussen “bijna 2.000 miljard” en eerdere begrotingen moet bovendien voorzichtig worden gelezen: een deel weerspiegelt inflatie en de inbouw van uitgaven die samenhangen met de terugbetaling van NextGenerationEU. De Europese Rekenkamer becijferde de stijging tegenover het huidige MFK op 59 procent in lopende prijzen, maar 39 procent in prijzen van 2025. (eca.europa.eu)
Belgische bijdrage: 4,4 miljard nu, tot 7,2 miljard straks
Grotendeels juist, maar onvolledig gekaderd. Prévot verklaarde in de Kamer dat de huidige jaarlijkse budgettaire impact ongeveer 4,4 miljard euro bedraagt. Voor het initiële Commissievoorstel noemde hij een geraamde stijging van 2,5 tot 2,8 miljard per jaar, oftewel 56 tot 64 procent. Dat leidt rekenkundig inderdaad tot een totale impact in de grootteorde van 6,9 tot 7,2 miljard euro per jaar. (dekamer.be)
De formulering in het persbericht is wel te stellig waar ze dit als komende “factuur” presenteert. Het zijn scenario-ramingen tijdens onderhandelingen, afhankelijk van de definitieve omvang van het MFK, de regeling voor douane-inningskosten en eventuele nieuwe eigen middelen. Volgens een Kamerantwoord van minister Van Peteghem zou de impact bij behoud van het bestaande systeem circa 7,2 miljard bedragen; met de voorgestelde nieuwe eigen middelen circa 6,9 miljard. (dekamer.be)
België en Vlaanderen als nettobetaler
Nuance nodig. De federale minister erkent dat de federale staat momenteel exclusief verantwoordelijk is voor de bijdrage aan de EU-begroting; de verdeling van een eventuele toekomstige last over federale en deelstaatniveaus is nog onderwerp van overleg. Een rechtstreekse “Europese factuur voor Vlaanderen” is dus niet vastgesteld. (dekamer.be)
De Vlaamse regering gebruikte eerder wel de omschrijving dat België nettobetaler is. Maar nettobetalerschap hangt af van de gekozen periode en van wat men meetelt als EU-uitgave in België. Vooral de aanwezigheid van EU-instellingen kan nationale ontvangsten in zulke vergelijkingen beïnvloeden. Die term ondersteunt dus een debat over onderhandelingspositie, maar levert op zichzelf geen exact bedrag op dat “de Vlaamse belastingbetaler” betaalt.
Online bronnen
BronHilde is een AI-analyse. Mijn ingebouwde modelkennis kan achterlopen op recente ontwikkelingen. Voor actuele of tijdsgevoelige beweringen raadpleeg ik online bronnen; als recente betrouwbare bevestiging ontbreekt, hoort dat in de analyse te staan.
Bekijk in het forum