Advertentie
Anarchie, orde, dominantie. Inleiding tot de theorie van de internationale betrekkingen
Inleidingen tot de theorie van de internationale betrekkingen zijn vaak verplichte literatuur voor beginnende studenten. Per definitie gaan zulke boeken niet in op de theoretische details en fijnheden die deze wetenschappelijke discipline zo interessant maken. Ook kunnen theoretische inleidingen niet de relevante, actuele en empirische constellaties en gebeurtenissen analyseren noch het lezen van de primaire teksten vervangen. Er bestaan tientallen zulke boeken die vaak de tendens hebben saai en taai te zijn. Het hier gerecenseerde boek “Anarchie, orde en dominantie. Inleiding tot de theorie van de internationale betrekkingen” onderligt uiteraard de beperkingen van het genre maar is integendeel allerminst saai.
Een groep auteurs onder aanvoering van Rik Coolsaet, docent aan de Universiteit Gent en directeur van het Egmont-Koninklijk Instituut voor Internationale Betrekkingen, begint het boek in het eerste hoofdstuk met misschien wel de moeilijkste vraag van het vak: “Wat is het onderzoeksveld van de Internationale Betrekkingen”. Geen enkele definitie is neutraal of algemeen geaccepteerd en de gebruikelijke alternatieven zijn sterk context gebonden en daardoor beperkt om de generaliserende functie van theorie te vervullen. En dat terwijl een definitie bepalend is voor het onderzoeksthema en onderzoeksmethodiek. Dit contextuele en zodoende relatieve karakter van de internationale betrekkingen loopt als een rode draad door het gehele boek. Het tweede hoofdstuk over het verleden van de wetenschap der internationale betrekkingen maakt vervolgens duidelijk dat ook een temporele relativiteit van belang is.
In de internationale betrekkingen is een patroon van theorievorming ontstaan waarin een dominante theorie na verloop van tijd wordt uitgedaagd door een secundaire theorie waarbij het zo ontstane debat vaak tot een volgende generatie theorieën voert. In de volgorde van hun historisch ontstaan beschrijven de volgende drie hoofdstukken de drie belangrijkste theoretische stromingen in de leer der internationale betrekkingen. Deze drie hoofdstukken zijn in de titel van het boek tot hun kern terug gebracht als respectievelijk anarchie, orde en dominantie. Ze beschrijven het op confrontatie focuserende ‘(neo-) realisme’, het door samenwerking bepaalde, niet staatcentrische ‘liberalisme’ en ‘institutionalisme’ en, als derde, het ‘structurele afhankelijkheidsdenken’ en het ‘neo-Marxisme’, met dominantie als centraal begrip.
Binnen deze drie belangrijke stromingen bestaat een veelheid aan scholen en variaties, typerend voor de studie van internationale betrekkingen. De discipline wordt namelijk gekarakteriseerd door een grote versplintering in paradigma’s wat er toe leidt, dat voor velen de geloofwaardigheid en de relevantie van het vakgebied ter discussie staat. Een discussie die weer nieuwe paradigma’s creëert. Het zesde hoofdstuk in het boek beschrijft zulke theorieën die ontstaan zijn in reactie of als kritiek op de traditionele paradigma’s en omvat daarmee bijvoorbeeld het ‘postpositivisme’, de ‘critical theory’, het ‘postmodernisme’ en ‘constructivisme’. Zowel hier als in de rest van het boek, wordt steeds zorgvuldig de nadruk gelegd op het historische perspectief dat zowel de theorie als ook de perceptie van de werkelijkheid bepaald.
Ondanks de enorme diversiteit aan theorieën binnen de studie van internationale betrekkingen, bleek vrijwel geen enkele theorie noch politiek wetenschapper in staat de ondergang van de Sovjet Unie en daarmee het einde van een wereldorde te verklaren, laat staan te voorspellen. Dit falen heeft voor veel dynamiek in de theorievorming over internationale betrekkingen gezorgd. In hoofdstuk 7 beschrijven de auteurs hoe hierdoor nieuwe scholen ontstonden en bestaande scholen ex-post verklaringen gezocht hebben en zich door de gewijzigde realiteit ook zelf veranderd hebben.
De werkelijkheid is complex, dynamisch en kent vele discontinuïteiten. Theorieën zijn noodzakelijk om de werkelijkheid te structureren, te rangschikken en te analyseren. Theorieën van internationale betrekkingen zijn, ook door de ‘systemische onzekerheid’ die de huidige tijd kenmerkt, ieder voor zich echter – steed minder – toerijkend. Consequent pleiten de auteurs in het afsluitende hoofdstuk dan ook voor een theoretische pluriformiteit. Zij benadrukken ook de simpele, maar doeltreffende wijsheid, dat utopia en realiteit onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn en dat de hieruit resulterende uitingen ‘waarde’ en ‘macht’, slechts in balans het internationale systeem kunnen vormen.
Het boek “Anarchie, orde en dominantie. Inleiding tot de theorie van de internationale betrekkingen” zelf is zeker in balans. De structuur van het boek is aangenaam en logisch op alle niveaus. Ieder onderwerp wordt eerst in grote lijnen geschetst voordat de details volgen en steeds wordt zeker gesteld dat de verbindingen met andere onderwerpen duidelijk zijn. Opmerkelijk is het uitstekende taalgebruik dat bij gelegenheid een vleug van ironie en humor niet schuwt. In de wetenschap van de internationale betrekkingen is Engels de dominerende taal. De vraag is, of het niet veel beter zou zijn om studenten – de doelgroep van dit boek – direct in het Engels te laten lezen. De auteurs van “Anarchie, Orde, Dominantie” zijn er echter in geslaagd om de meeste begrippen en concepten in aangenaam Nederlands te beschrijven en schuwen niet, daar waar een vertaling tot geforceerde verbale constructies zou leiden, gewoon de Engelse terminologie of citaten te gebruiken.
Het boek weet hoofdzaak goed van bijzaak te onderscheiden zonder dat de details verloren gaan en het gaat pragmatisch om met de veelvuldig ideologisch beladen concepten. Door consequent de paradigma’s niet als statische dogma’s maar als dynamische constructies te presenteren, dwingt het boek tot zelfstandig en kritisch denken wat een verademing is in het genre dat toch veelvuldig opvalt door opsommingen van gegevens met als doel deze door studenten uit het hoofd te laten kennen voor het volgende tentamen om daarna bij de studenten in vergetelheid te geraken.
Door Ruben Andreas Zondervan (toegevoegd op 14/12/2007)
- Auteur: Rik Coolsaet et al.
- ISBN: 9789038208879
- Pagina's: 330
- Prijs: 22 EUR

- Uitgever: Academia Press
