Advertentie
VVO: VOOR MEER EN BETER ONDERWIJS IN BRUSSEL, ANDERS MOET SMET OPSTAPPEN
(15/03/2010)
Tekort aan opvang.
Minister van Nederlandstalig onderwijs in Brussel Vanraes pleit opnieuw voor een uitbreiding van het aantal Nederlandstalige klassen en scholen. Door de aangroei van het aantal kinderen in Brussel-19 zullen er binnen 5 jaar 15.000 leerlingen meer zijn. Om ons huidig marktaandeel van 20% te behouden, wil hij bijgevolg 3.000 plaatsen meer in het Nederlandstalig kleuteronderwijs. Hij wijst er op dat nu reeds meer en meer kinderen moeten geweigerd worden en rekent voor volgend jaar met een tekort van 1.021 plaatsen.
Hij vraagt bijgevolg van de Vlaamse Gemeenschap meer kredieten voor de bouw van bijkomende klassen, en desgevallend, scholen. In zijn pleidooi wordt hij gesteund door VUB-rector de Knop.
Vlaamse regering asociaal?
Maar minister van Onderwijs van de Vlaamse Gemeenschap, Pascal Smet, wil daar niet van weten. Dat zou de kwaliteit van ons onderwijs in Brussel schaden, stelt hij. Alle experten zijn immers van oordeel, oreert hij, dat om deze te behouden, minstens één van de ouders van 1/3e. van de kinderen het Nederlands als huistaal moet hebben.
Allemaal goed en wel, maar dit doet niets ter zake.
Zeker, een flink percentage kinderen die thuis al in contact komen met de onderwijstaal, is wenselijk. Maar als die regel wordt toegepast op het huidige leerlingenbestand, dan kan meer dan de helft van de Nederlandstalige scholen gesloten worden.....!
Dat geldt trouwens ook voor de Franstalige scholen, want de ouders van de meeste kinderen zijn ook niet Franstalig. Dus wil Smet de meeste Brusselse kinderen geen onderwijs aanbieden(?).
Geen subnationaliteit als keuze.
Nochtans zijn de Gemeenschappen ertoe gehouden om voor voldoende capaciteit te zorgen, zodat ALLE kinderen kunnen opgevangen worden in alle onderwijsnetten.
In Brussel-19 hebben de ouders, omdat er geen subnationaliteit bestaat, het recht om vrij te kiezen tussen het Nederlandstalig en het Franstalig onderwijs.
En laat ons niet vergeten dat de Vlaamse Gemeenschap nog steeds de Brusselnorm aanhoudt. Dit betekent dat zij kredieten te beschikking moet stellen voor 330.000 Vlamingen in Brussel.
Kwaliteit?
Reeds nu ligt de kwaliteit van ons onderwijs in Brussel lager dan in de rest van Vlaanderen. Dit is te wijten aan het aanhouden van een verkeerd toegepaste gelijkheidsideologie van
" alle kinderen moeten van in het begin in dezelfde klas 'gemixt' worden ".
Bovendien is Minister Smet, meteen bij zijn aantreden, teruggekomen op de beslissing van zijn SP.a-voorganger, om een brusselpremie toe te kennen aan de Brusselse leerkrachten, broodnodig om het personeelsbestand te stabiliseren.
Het VVO steunt tenvolle de eis tot uitbreidng van Vanraes - de Knop.
Het VVO vraagt dat men de anderstalige leerlingen, aleer ' te mixen' , zou opvangen in taalovergangsklassen. Tevens dat de leerkrachten in het lager onderwijs die tweetalig moeten zijn een taalpremie ontvangen. Als Minister Smet zich hiervoor niet wil inzetten, vraagt het VVO om zijn vervanging.
De toekomst van onze Vlaamse Gemeenschap in Brussel staat op het spel, en meteen ook de sociaal-economische toekomst van de bewoners van deze stad.
Het zou onbegrijpelijk zijn dat Vlaanderen daarvoor geen 100 miljoen kan ophoesten, terwijl het anderzijds wel een paar miljarden weigert te innen opdat buitenlandse automobilisten gratis door Vlaanderen zouden kunnen rijden.
De bouw van scholen zou ook bijkomende arbeidsplaatsen kunnen creëren in de bouwsector, waarbij plaatselijke laaggeschoolden betrokken worden, een niet te verwaarlozen optie in deze barre tijden. Een maatregel die trouwens,als een remedie wordt aanbevolen door internationale instellingen .
En de federale overheid zou hiertoe kunnen 'samenwerken' door de BTW op de bouw van schoilen af te schaffen.