Tekst vergroten Tekst verkleinen

Advertentie

VLD: "Aspartaam: de belangen van de voedingsindustrie mogen nietprimeren op de volksgezondheid!"

(27/11/2005) De VLD schrijft:
Senator Hermans is niet verwonderd van de nieuwe onderzoeksresultaten van het Italiaanse Kankeronderzoekscentrum inzake de zoetstof aspartaam (E951)(1).
Dit onderzoek stelt dat aspartaam, dat vooral gebruikt wordt in lightproducten, al kankerverwekkend is in kleine hoeveelheden (een dagelijkse dosis van 20 milligram per kilo lichaamsgewicht). Aspartaam wordt in vele producten gebruikt. Onder meer in frisdranken, producten met fruit, puddingpoeder, etc., alsook in producten voor diabetici.

Dit onderzoek is het zoveelste wetenschappelijk onderzoek in een lange lijst dat wijst op de schadelijke effecten van aspartaam. Reeds in 1977 wees het Bressler rapport van de Food and Drug Administration op de mogelijke cancerogene eigenschappen van aspartaam. In 1996 stelde een groep wetenschappers onder leiding van Olney (1996) dat er een statistisch relevant verband was tussen het gebruik van aspartaam en de toename van het aantal hersentumoren in de VS. De link tussen aspartaam en hersenkanker werd bevestigd door wetenschappelijk onderzoek uit Zweden van M.D., PhD Lennart Hardell. Onlangs klasseerde de Nederlandse consumentenbond formaline - wat ondermeer een afgeleid product van aspartaam is- onder groep I, de hoogste classificatie inzake kankerverwekkende stoffen.

Senator Hermans vroeg reeds op 7 juli expliciet aan de Minister van Volksgezondheid om bij de Europese Voedselautoriteit aan te dringen op een verbod om aspartaam als voedseladditief aan te wenden, gezien de risico’s voor de Volksgezondheid (2).

De heer Houbaert van het Federaal Voedselagentschap stelde gisteren dat Europa een herevaluatie van aspartaam overweegt. Gezien de nieuwe onderzoeksresultaten pleit senator Margriet Hermans voor verdere stappen. Het is immers niet de eerste maal dat Europa zou overgaan tot een herevaluatie van Aspartaam. In 2001 reeds verzocht het Voedingsbureau van Groot-Brittannië op basis van een 500 tal wetenschappelijke studies aan de Europese Wetenschappelijke Commissie voor de voeding om de kunstmatige zoetstof aspartaam te herevalueren. De Commissie stelde echter dat aspartaam veilig was, zonder de wetenschappelijke studies te weerleggen. Senator Hermans vreest dan ook dat de huidige herevaluatie een maat voor niets zal zijn, daar de belangen van de voedingsindustrie primeren op de belangen van de volksgezondheid. Dit laatste blijkt ook uit het standpunt van Europa inzake Stevia.

Stevia is een biologisch alternatief voor aspartaam dat wordt gewonnen uit het steviaplantje. Alhoewel Stevia in Brazilië, Mexico, China, Korea en Japan wordt toegelaten als voedingsadditief mag stevia ingevolge een beschikking van de Commissie in 2001 niet verwerkt worden in voedsel.
Diverse bronnen geven aan dat dit verbod voortvloeit uit het zware lobbywerk van de producenten van Aspartaam. Natuurlijke zoetmiddelen kunnen immers niet het voorwerp uitmaken van een patent, waardoor het voor de voedingsindustrie commercieel minder interessant is.

Senator Margriet Hermans vindt dat de houding van Europa inzake voeding niet consequent is. Daar waar Europa op basis van het voorzichtigheidsbeginsel weigerachtig staat tov genetisch gemanipuleerd voedsel ziet het op basis van datzelfde beginsel geen problemen in het gebruik van aspartaam als voedseladditief.

Zij zal dan ook vandaag de minister van Volksgezondheid hieromtrent bevragen alsook een voorstel van resolutie indienen waarbij zij naast het bepleiten van een verbod op aspartaam zal vragen aan de regering om aan te dringen bij Europa om het gebruik van stevioside als voedseladditief toe te laten. Zij bepleitte dit reeds eerder bij de minister(3).

Op de zesendertigste jaarlijkse vergadering van het Joint Committee for Food Additives of the WHO/FAO (hierna Jecfa genoemd) die plaatsvond van 8-17 juni 2004 werd een belangrijke stap in de goede richting gezet. Jecfa heeft een voorlopige ADI van 2 mg steviol equivalenten/kg lichaamsgewicht goedgekeurd, hetgeen in mensentaal wil zeggen dat wij ons leven lang 5 mg stevioside per kg lichaamsgewicht mogen innemen zonder schadelijke gevolgen. Europa houdt vreemd genoeg tot op heden geen rekening met dit besluit.

Stevioside is een wit poeder dat wordt gewonnen uit de bladeren van Stevia. Wetenschappers noemen Stevia een “edele molecule”. Het product is 100% natuurlijk en biedt de volgende voordelen:
- het bevat geen calorieën;
- het is tot 300 maal zoeter dan suiker;
- het heeft geen toxicologische effecten;
- het is volledig veilig voor diabetespatiënten en aangewezen voor mensen die wensen te vermageren.

De Katholieke universiteit van Leuven heeft een Europees onderzoekscentrum opgezet om wetenschappelijk onderzoek te voeren naar de Steviaplant.

Senator Hermans vraagt dan ook eveneens aan de regering vragen om bijkomende middelen voor onderzoek naar Stevia uit te trekken.

Margriet Hermans, senator voor de VLD

ZoekenMeer info

Het Weer

Recensies

Nieuws

Cartoons