Tekst vergroten Tekst verkleinen

Advertentie

Opinie: De lange weg naar het migrantenstemrecht

Met het trieste debat in de senaat, gelardeerd met de ronduit racistische scheldtaal van VLD’ster Jeanine Leduc, is het migrantenstemrecht nog maar eens ten grave gedragen. Groenen en sociaal-democraten en ook de Franstalige liberalen beweren nu dat ze het stemrecht in elk geval willen opnemen in een volgend regeerakkoord. Boter aan de galg, want hoe geloofwaardig is het om dit horen uit de mond van partijen die zich vandaag gewillig laten neerknuppelen door een VLD die slechts 15% van de Belgische inwoners vertegenwoordigt? Wat is dan wel een regeringscrisis waard? Naar aanleiding van de hele heibel rond het migrantenstemrecht schreef Frederic Lehembre (SJW-Sint Niklaas) dit dossier over de migrantenbevolking in België en de hoogdringendheid van stemrecht voor iedereen.

Met het trieste debat in de senaat, gelardeerd met de ronduit racistische scheldtaal van VLD’ster Jeanine Leduc, is het migrantenstemrecht nog maar eens ten grave gedragen. Groenen en sociaal-democraten en ook de Franstalige liberalen beweren nu dat ze het stemrecht in elk geval willen opnemen in een volgend regeerakkoord. Boter aan de galg, want hoe geloofwaardig is het om dit horen uit de mond van partijen die zich vandaag gewillig laten neerknuppelen door een VLD die slechts 15% van de Belgische inwoners vertegenwoordigt? Wat is dan wel een regeringscrisis waard? Naar aanleiding van de hele heibel rond het migrantenstemrecht schreef Frederic Lehembre (SJW-Sint Niklaas) dit dossier over de migrantenbevolking in België en de hoogdringendheid van stemrecht voor iedereen.

Als er één constante valt waar te nemen in verband met de migrantenbevolking van België is het wel dat deze mensen een permamente achterstelling en dicrminatie hebben doorgemaakt. Niet in het minst op de arbeidsmarkt, waar ze steeds zijn aangewend om de vuilste jobs op te knappen. Vele migranten kwamen in de jaren vijftig en zestig naar hier om in tijden van hoogconjunctuur de jobs in te vullen waar de Belgen massaal voor bedankten. Via uitgekiende campagnes werd hen beloofd dat ze snel heel wat poen zouden kunnen scheppen en dat ze daarna zouden kunnen terugkeren naar huis. Sommigen keerden terug maar dat bleek na een hele periode leven en werken en de uitbouw van een gezin in België niet zo makkelijk. Vaak werden ze in hun eigen land en dorp als vreemdelingen of toeristen aanzien. Na tientallen jaren zijn de meeste van hen toch hier in België gebleven en zijn ze ook niet van plan om ooit nog terug te keren. Het is hun tweede thuis geworden en hun kinderen voelen zich soms meer Belg dan Marokkaan of meer West-Europeaan dan Noord-Afrikaan. Hun kinderen werken meestal hier, hebben zelf al kleine kinderen. Maar ondanks dit alles blijven ze geconfronteerd worden met enorme problemen van achterstelling.

Tussen twee stoelen?

Heel wat migranten van Marokkaanse afkomst blijven worstelen met een taalprobleem. 70% van de Marokkanen in België zijn van Berberse afkomst en het Berbers is geen geschreven taal, enkel een gesproken taal.De taal wordt evenmin erkend door Marokko, het is een onderdrukte taal. Doordat het Berbers geen geschreven taal is, geeft dat problemen met het aanleren van een andere taal. Voorts zijn er nog andere problemen waar minder wordt bij stilgestaan. Zo is er bijvoorbeeld het verschil tussen het Westerse schrift en het Arabische.

Er wordt vastgesteld dat de taalcursussen die worden ingericht op veel belangstelling kunnen rekenen. Het schoentje knelt echter door het feit dat er simpelweg veel te weinig middelen geïnvesteerd worden in die taalopleidingen. Mensen staan op ellenlange wachtlijsten. Er moeten zonder twijfel een pak meer middelen vrijgemaakt worden voor dergelijke cursussen.Op die wijze kan deze mensen vlot de toegang tot het Nederlands worden geboden. Het gaat ons helemaal niet om mensen te verplichten een taal te leren die de hunne niet is. Maar een kennis van het Nederlands maakt het een stuk makkelijker om een job te vinden, een kennissenkring uit te bouwen, zijn achterstelling helpen weg te werken. Het moet een recht zijn om een goede kennis van de landstaal op te bouwen. De toestand van het onderwijs in migrantenwijken van de grote steden is helemaal schrijnend, het legt een tijdbom onder de toekomst van zovele jonge migranten in ons land.

Gezondheid

Opvallend is ook dat een sociale achterstelling steeds leidt tot specifieke gezondheidsproblemen. Migranten in België kampen met een aantal specifieke medische problemen. Opvallend is dat bijvoorbeeld Marokkanen meer lijden aan maagzweren dan Belgen, wat wel eens kan duiden op meer stress. En niet alleen volwassenen lijden meer aan maagzweren, ook kinderen hebben er onder te lijden. Die stress wordt veroorzaakt door onzekerheid en het ontbreken van een duidelijke toekomst.

Vandaag viert de stress in het algemeen hoogtij, dat wijzen de cijfers uit. De neoliberale politiek heeft geleid tot een toenemende onzekerheid. Een groeiend deel van de bevolking moet steeds harder werken, flexibiliteit rukt op. Dit geldt nog meer voor migranten omdat zij mede door dat gebrek aan opleiding vaak op de laagste sporten van de sociale ladder terecht komen.

Voorts blijven vele migrantenfamilmies geconfronteerd met een echt huis-vestingsprobleem. Slechte en te kleine behuizing leidt op haar beurt tot specifieke gezondheidspro-blemen. Huizen zijn bijvoorbeeld niet goed geïsoleerd. Of kinderen dienen in kleine ruimtes samen te slapen, waardoor ziektes makkelijker worden doorgegeven. Dit probleem heeft niet enkel te maken met een gebrek aan materiële middelen. Er is ook het racisme van de huiseigenaars, die vaak weigeren betere huizen te verhuren aan migrantenfamilies. Zo wordt een vorm van gettovorming in de hand gewerkt. En dan maar spreken over ‘concentratiewijken’ of probleembuurten. Men gaat wonen waar men geduld wordt. Natuurlijk stapelen zich in deze wijken een aantal sociale problemen op alsook problemen die gelieerd zijn aan deze sociale context, maar de enige doeltreffende wijze om die aan te pakken bestaat in het wegwerken van de discriminatie en achterstelling, in een lotsverbetering voor deze mensen.

Huisvesting en de stedelijke problematiek

Ook de steden en gemeentelijke overheden gaan in de fout. De stad Antwerpen weigert bijvoorbeeld in bepaalde wijken huurvergunningen te leveren aan migrantenfamilies. De sociale woningen worden veelal gebouwd binnen buurten waar het nu reeds wemelt van de sociale problemen.

In januari publiceerden enkel professoren waaronder Jan Blom-maert(1) een opinie waarin ze hetvolgende stelden: “Er zijn in de steden wijken die achtergesteld geraken en die hebben vaak een grote migrantenpopulatie. Deze worden verwaarloosd door de regering omdat er toch geen stempubliek woont. Die wijken laat men gewoon links liggen. Zij die genoeg verdienen kunnen verhuizen, maar er zijn mensen die daar blijven en die gaan uitgesloten worden. Het Vlaams Blok komt er dan binnen in de huiskamers, want alles is de schuld van de migranten (sic). De migranten voelen zich geviseerd en vernederd. Het zijn maar tweederangsburgers. Ook de Belgen uit deze achtergestelde wijken voelen zich onzalig. Hun buurt verloedert, en hun invloed op het gemeentebestuur daalt aanzienlijk. Hun wijk telt immers maar matig mee vanwege het lage aantal kiezers. Ook zij voelen zich in de steek gelaten. De waarde van de huizen daalt vanwege de verloedering, wat de vrijheid om te verhuizen ook nog eens bemoeilijkt, en het onzalige gevoel nog versterkt. Gaan we naar toestanden zoals in Parijs waarin sommige buitenwijken de politie hun werk niet meer kunnen of willen uitvoeren?” De professoren stellen dat migrantenstemrecht een middel tot stadsontwikkeling is, en dat de VLD, de grootste schreeuwer om méér politie en repressie, dit weigert te begrijpen.

Deze analyse bevestigt een te meer dat migranten een stem moeten krijgen als we niet willen dat er nog meer stemmen gaan naar een partij die de gevoelens van de mensen misbruikt. Want welk ander alternatief hebben ze tegenwoordig? Er is geen enkel partij die parlementair vertegenwoordigd is die de regering vanuit linkse hoek aanvalt en een duidelijk alternatief voorschotelt.

Onmondigheid

Vele migranten voelen zich uitgesloten door de maatschappij en niet aanvaard. Ze hebben een onveiligheidsgevoel (onzekerheid ed), maar het probleem is dat ze hun stem niet kunnen uiten. Allerhande incidenten, zoals het systematisch weigeren van migrantenjongeren in dancings, leiden dan wel eens tot rellen. Meestal gaat het om de druppel die de emmer doet overlopen.

De migrantenbevolking beschikt over weinig politieke structuren en al evenmin hebben ze mediakanalen. De media berichten vaak zeer eenzijdig. Ze hebben het over rellen, maar geven haast nooit weer waarom die mensen op straat komen. De kern van het probleem blijft het gebrek aan stemrecht, terwijl deze mensen toch belastingen betalen en dus ook hun bijdrage leveren aan de gemeenschap. De versoepeling in de naturalisatieproces is een stap in de goede richting voor zij die dat wensen, maar mag niet misbruikt worden om het migrantenstemrecht te blokkeren. Mensen hebben immers het recht om vast te houden aan hun nationaliteit, als laatste band met hun vroegere woonplaats of om welke reden dan ook. Er moet een ontkoppeling komen van rechten en nationaliteit.

Onderwijs

Opgroeiende migrantenkinderen komen vaak heel wat problemen tegen tijdens hun studiejaren. Hun ouders zijn vaak laaggeschoold en spreken soms geen Nederlands. Daardoor loopt het contact tussen deze ouders en de school ook vaak mank.

Een proves van sociale reproductie in het onderwijs, zorgt ervoor dat slechts een zeer kleine minderheid van migrantenjongeren doorstoten naar hogere studies. De meeste komen terecht in het beroepsonderwijs, in zogenaamde concentratiescholen. Overbevolkte klassen, gebrek aan middelen en een opeenstapeling van sociale problemen zorgen ervoor dat deze scholen ongunstig zijn én voor de opleiding van de jongeren alsook voor de motivatie van de leerkrachten die er werken. Vaak gaat het om scholen uit het gemeenschaposonderwijs of het stedelijk onderwijs, vermits katholieke nog vaak migrantenjongeren weigeren, met de mededeling dat de scholen ‘volgeboekt’ zijn.

Al zijn er natuurlijk uitzonderingen, bepaalde Katholieke scholen trekken wel migranten aan, maar het zijn er niet veel en migranten worden er veelal in eenzelfde klas gestoken waar dan geen enkele ouder Nederlands spreekt. Dit laatste bevordert de mogelijkheden zeker niet. Dan is er natuurlijk nog het bijkomende probleem dat Katholieke scholen geen islamlessen aanbieden. Hoewel de laatste tijd blijkt er toch minder gekozen wordt voor een school op basis van godsdient. Men kiest voor een school waar of vrienden of familie schoollopen.

Daar komt dan nog eens bovenop dat allerhande vrije tijdsbesteding zeer ongetoegankelijk blijkt voor migrantenjongeren. De voorbeelden van sportverenigingen waarvan het bestuur de deur op slot houdt voor jonge migranten zijn talrijk. Dit alles maakt trouwens duidelijk dat het belangrijk is om de migrantengemeenschappen in ons land voldoende middelen aan te reiken om eigen sociale structuren op te bouwen.

Criminaliteit

Er doen zich de wildste geruchten over de criminaliteit onder de migranten, maar het staat nochtans vast dat er geen verband bestaat tussen cultuur, etnische afkomst en criminaliteit.

Tegen migrantenjongeren wordt nagenoeg even vaak proces verbaal opgemaakt als tegen autochtone Belgen. Maar voor dezelfde feiten worden ze wel veel vaker aangehouden dan de Belgen(2). “Het dealen van drugs door jongeren, zo blijkt uit de parketcijfers en uit het dark number (3) onderzoek, is bijna een volledig autochtone Belgische aangelegenheid. Migrantenjongeren lijken amper te dealen. Als we dan kijken hoeveel migranten en hoeveel autochtone Belgen werkelijk worden aangehouden, is deze verhouding volledig omgekeerd. Er worden amper autochtone Belgen aangehouden, terwijl het aantal aangehouden migrantenjongeren bijna tien keer zo hoog ligt”, zegt Lode Walgrave, professor jeugdcriminologie aan de KULeuven. Dit zegt toch veel omrent het optreden van de gerechtelijke- en politiediensten.

De migranten die meededen aan het onderzoek brachten interessante, maar bittere verhalen met mee. “Je voelt de spanning door de verhalen die migrantenjongeren vertellen”, zegt onderzoekster Vercaigne die meedeed aan het onderzoek: “Verstedelijking, Sociale uitsluiting van jongeren en straatcriminaliteit’. “Ze voelen perfect dat ze geviseerd worden. Het is bijna abnormaal dat er niet meer opstootjes en rellen zijn (4).”

Ook is er geen enkel verschil in criminaliteit te ontdekken tussen Belgen en migranten uit dezelfde sociale klasse. Maar het grootste probleem is dat migranten zich in de sociale klassen bevinden waar de criminaliteit het hoogst is en dat zijn meestal de laagste sociale klassen. Uit onderzoek blijkt bijvoorbeeld dat de beroepsklasse van de vader een heel belangrijk element is bij jeugdcriminaliteit. Jongeren van wie de vader in een hogere beroepsklasse zit, bezondigen zich doorgaans eerder aan winkeldiefstal, graffiti, vandalisme en drugsgebruik. Jongeren wiens vader in een lagere beroepsklasse zit of werkloos is plegen in verhouding vaker zwaardere vergrijpen zoals inbraak en autodiefstal. De vaders van migrantenjongeren zitten helaas meestal in de laatste categorie. Maar ook de vaders zijn de criminaliteit van hun kinderen meer dan beu. Kijk maar naar Amsterdam of Mechelen, waar het buurtvaderproject is opgestart: terug meer sociale controle van thuis uit.

Het staat dus buiten kijfr dat de oorzaak van het probleem van straatcriminaliteit te zoeken valt bijn de sociale achterstelling. Het enige antwoord kan dan ook liggen in het trachten af te dwingen van sociale maatrgelen ten goede van deze bevolkingsgroepen. Met deze studie is bewezen dat er geen verband bestaat tussen criminaliteit en cultuur. Goed, maar de andere inzichten van de studie gooit men nu blijkbaar gewoon in de prullenbak. In plaats van iets aan de sociale omstandigheden te doen van de migranten en te leren uit dit onderzoek, zoeken tegenwoordig steeds meer progressieve opiniemakers hun heil in repressie en ‘méér blauw op straat’, terwijl net blijkt dat vele van die jongeren de controles, het viseren, de pesterijen beu zijn en er zich tegen afzetten. Dit onderzoek is wel degelijk zeer interessant(5).

We kunnen besluiten dat er wel degelijk oplossingen zijn om de problemen waarmee grote groepen migranten geconfronteerd worden aan te pakken. Door migranten stemrecht te geven, kunnen ze hun stem laten horen tegen het racisme en kunnen ze politieke thema’s op de agenda plaatsen. Uiteraard lost stemrecht niet zomaar alle problemen op. Uiteraard betekent onze verdediging van het stemrecht geen lofzang op de burgerlijke democratie. Directe of participatieve democratie zou nog meer kansen bieden om de sociale behoeften bovenaan de politieke agenda te plaatsen. Maar het stemrecht is elementair vanuit democratisch oogpunt, vanuit de strijd tegen elke discriminatie. Het betekent ook een wapen in handen van de migrantengemeenschap om hun rechten te verdedigen.

Er zullen in een kapitalistische samenleving natuurlijk altijd mensen zijn die uit de boot vallen. Toch is het duidelijk dat de kern van de zaak de sociale achterstelling van deze groepen mensen is.Dat is geen bijzaak, het is het enige dat echt van tel is. Daarom wordt de kwestie van een politiek alternatief ter linkerzijde dat duidelijk deze problemen herkent en wil aanpakken onontbeerlijk.

Noten:

(1) “Migrantenstemrecht kan onze steden redden” in de Standaard op 11/01/2002 door Maarten Kuijk, An Vranckx, Mon Detrez, Jan Blommaert (2) Bron: http://www.flwi.rug.ac.be/cie/CIE/cochez.htm De Morgen, vrijdag, 10 dec 1999, Bijlage “Aula-Wetenschap”, p. 32, door Tom Cochez (3) Daarbij worden mensen anoniem bevraagd over het aantal keren dat ze dader of sláchtoffer zijn geweest van bepaalde criminele feiten.(4) Bron: http://www.flwi.rug.ac.be/cie/CIE/cochez.htm De Morgen, vrijdag, 10 dec 1999, Bijlage “Aula-Wetenschap”, p. 32, door Tom Cochez (5) Je kan een artikel over dit onderzoek raadplegen op de site die hierboven al enkele keren vermeld staat: http://www.flwi.rug.ac.be/cie/CIE/cochez.htm De Morgen, vrijdag, 10 dec 1999, Bijlage “Aula-Wetenschap”, p. 32, door Tom Cochez

Frédéric Lehembre (de auteur is scholier en lid van de Socialistische Jonge Wacht)

De redactie van politics.be is op geen enkele manier verantwoordelijk voor de inhoud van de stukken gepubliceerd onder de rubriek "columns en opinies"

ZoekenMeer info

Het Weer

Recensies

Nieuws

Cartoons