Tekst vergroten Tekst verkleinen

Advertentie

Wordt Europa geteisterd door uitbreidingsmoeheid?

Angst van globalisering ligt aan de basis van het verzet tegen verdere uitbreiding van de Europese Unie.

De uitbreiding van Europa is weer een hot item. Het gaat daarbij vaak over “de absorptiecapaciteit” van de Unie. Er worden toespraken gehouden over “de grenzen van Europa.” De EU heeft de eerste fase van de toetredingsgesprekken met Servië opgeschorst, en het oordeel over Roemenië en Bulgarije valt in de categorie: “Ja, maar…”

"Europa

Voor een deel moeten deze beslissingen de kandidaat-lidstaten ertoe aanzetten hervormingen te versnellen (en in het geval van Servië de oorlogsmisdadiger Ratko Mladic uit te leveren). Maar ze vormen ook de reflectie van de wijdverspreide overtuiging, zowel in Brussel als in verschillende nationale hoofdsteden, dat het uitbreidingsproces vertraagd moet worden omwille van de “uitbreidingsmoeheid”.

Veel politici zijn ervan overtuigd dat de publieke opinie ronduit tegen verdere uitbreiding gekant is. Ze zijn van mening dat dit verzet begrijpelijk is, en misschien zelfs gerechtvaardigd: gezien de impact van de uitbreiding op het aantal jobs, het feit dat de uitbreiding te vlug is gegaan en dat de instellingen van de Unie niet klaar zijn voor verdere uitbreiding. Ze zijn ervan overtuigd dat het in ieders voordeel is een pauze in te lassen en zo de gemoederen te laten bedaren. Deze visie domineert in Europa op dit moment. Ze is nochtans in elk opzicht onjuist.

Europeanen zijn in het algemeen geen tegenstander van verdere uitbreiding (we laten hier de kwestie Turkije even buiten beschouwing). Een nipte meerderheid blijkt voor te zijn. Een nieuwe peiling van de Europese Commissie toont aan dat het aantal mensen dat de uitbreiding een goede zaak vindt voor de EU (55%), hoger is dan het aantal dat van mening is dat het lidmaatschap van de Unie positief is voor hun land (49%). Als de nationale politici zo begaan zijn met publieke opinie, zouden ze eerder een pauze moeten inlassen voor alle Europese activiteiten dan voor de uitbreiding. De bron van de uitbreidingsmoeheid ligt dus niet overduidelijk bij de publieke opinie.

Het is wel duidelijk dat de uitbreiding van 2004 heel wat positiefs heeft meegebracht, zoals een stijging van handel, investeringen en inkomen in Europa. In principe kan men natuurlijk wel spreken van winnaars en verliezers. Landen zoals Groot-Brittannië, Ierland en Zweden, die hun arbeidsmarkt hadden opengesteld voor de nieuwe leden, behoren tot de winnaars en zijn voorstanders van verder uitbreiding. Maar in feite is de negatieve impact van de uitbreiding ook in de landen die het hevigst gekant zijn tegen nieuwe toetredingen minimaal. De hoge werkloosheid is vaak niet het gevolg van de competitie met centraal-Europa. Hoewel velen het tegendeel beweren is er geen bewijs dat de Poolse loodgieter werkelijk een grote ravage op de arbeidsmarkt van “het oude Europa” aanricht.

Is de uitbreiding te snel gegaan? Na de val van de Muur zijn er 15 jaar verstreken voor de eerste ex-communistische landen toetraden – drie jaar meer dan tussen de dood van Franco en de toetreding van Spanje. Werken de instelling van de Unie momenteel niet meer? Tot nu toe functioneren de instellingen even goed en vertonen ze dezelfde mankementen met 25 als met 15 leden. Het is ook niet zo dat al het geld van de Unie nu wordt besteed aan regionale hulp voor de nieuwe leden: in de periode 2007-2013 daalt het aandeel van regionale steun in het budget, terwijl het aandeel van landbouw stijgt. De interne verdeeldheid binnen de EU, voornamelijk tussen Frankrijk en Groot-Brittannië, blijft onveranderd. Al de voorspelde schade is kort samengevat uitgebleven.

Het meest belangrijke is misschien dat de vrees dat er een tweede uitbreidingsgolf komt ongegrond is. De toetreding van Roemenië en Bulgarije vormt het slot op de uitbreiding van 2004, niet een inleiding tot een nieuw uitbreidingshoofdstuk. (Kroatië zou eventueel kunnen toetreden rond 2010, Turkije slechts veel later).

De conclusie is dat de angst in de publieke opinie geen weerspiegeling is van de negatieve gevolgen die verdere uitbreiding in feite kan meebrengen. Het is eerder het gevolg van twijfels in verband met het succes van de uitbreiding in 2004. Men kijkt terug naar het verleden, in plaats van zijn blik op de toekomst te werpen. Deze twijfels zijn bovendien onterecht, de argumenten tegen uitbreiding zijn meestal onjuist ofwel zwaar overdreven.

Globaliseringsblues

De angst omtrent de uitbreiding heeft dus een andere voedingsbodem. Dit zou wel eens de angst voor verandering kunnen zijn, verandering die eigen is aan globalisering.

Uit dezelfde peiling bleek namelijk een opvallende correlatie tussen landen die de globalisering als een bedreiging beschouwen en landen die verder uitbreiding als een bedreiging voor nationale jobs zien. In Frankrijk was 72 procent van de respondenten het eens met beide stellingen. Ook in België, Oostenrijk en Duitsland gingen velen akkoord met deze veronderstellingen. Maar de oude lidstaten die weinig problemen zien in verder uitbreiding beschouwen de globalisering ook eerder als een kans dan als een bedreiging. Uitbreidingsmoeheid blijkt voort te komen uit onvrede met het globaliseringproces.

Dit maakt de zaken er niet makkelijker op. Maar hieruit volgt wel dat de uitbreidingsmoeheid niet zal verdwijnen door de uitbreiding te vertragen. Om maar te zwijgen van de mate waarin de belangen van de EU geschaad worden in de kandidaat-lidstaten, in de Balkan en elders, waar tegenstanders van Europeanisering vrij gelukkig zijn met huidige teneur in Europa. Bovendien verandert uitstel de fundamentele logica van de uitbreiding niet – er zijn voordelen voor de bestaande en nieuwe leden, en het niet slagen van de uitbreiding brengt grote kosten met zich mee. Als de Unie niet naar de Balkan gaat, zal de Balkan naar Unie komen, in de vorm van illegale migratie, drugs en misdaad. Het houdt overigens geen steek twee delen van voormalig Joegoslavië wel in te lijven (Slovenië en binnenkort Kroatië), en voor de rest de deur gesloten te houden.

Vertaald uit The Economist (abonnement vereist) door Bert Fraussen

ZoekenMeer info

Het Weer

Recensies

Nieuws

Cartoons