Tekst vergroten Tekst verkleinen

Advertentie

Gezellige Parijse Gloed?

Het is geen mooi gezicht, dat vind ik althans. Misschien zijn er wel mensen die houden van een ietwat romantische brandgeur en dito gloed, maar ik reken me niet bepaald tot deze groep mensen. Het moet toch al een tijdje geleden zijn dat Parijs is wakker geworden onder ’n nasmeulend vuur, misschien zelfs iets te lang. Dat er iets schort in de voorsteden van Parijs, en niet alleen Parijs, moet duidelijk zijn. Het gaat hier ook niet over een fenomeen op korte termijn, maar om iets chronisch waar we nu jammer genoeg wel genoeg beeldmateriaal en even aasgierende pers bij geserveerd krijgen.

Wat loopt er precies mis? We moeten niet zo ver kijken om te analyseren wat er precies is fout gelopen: het verhaal over immigranten die een betere toekomst zoeken in de Westerse landen en dat niet vinden. Als we de ene zijde van het probleem bekijken is er inderdaad iets aan de hand. Meer nog: er zit iets structureel mis. Dat mensen “fort Europa” tegen een hoge kost willen binnendringen is geweten, dat daarbij slachtoffers vallen ook. Maar de slachtoffers zijn niet bepaald mensen die verminkt zijn geraakt. Nee, we hebben te maken met de derde generatie allochtonen, mensen die letterlijk geklemd zitten tussen twee verschillende werelden. Arbeid is in onze samenleving een van de meest funeste hoekstenen: werk geeft je status en geeft zin. Wie dit ontbreekt vervalt, zoals studies aantonen, in een zwart gat. In de voorsteden van Parijs zijn de meeste inwoners afkomstig uit de voormalige kolonies van Frankrijk, en ze zijn er dan ook massaal troosteloos gehuisvest. Zoals Brasilia een doodgeboren kind lijkt, zo ook de betonnen oerwouden waar zich dagelijks vooral arme mensen zich moeten getroosten. Torenhoge werkloosheid, crisis van zowel de traditionele en Westerse waarden, het is geen mooi schouwspel. Er valt natuurlijk iets te zeggen over het falen van de gevoerde Franse immigratiepolitiek, maar dit is natuurlijk niet alleen de determinerende factor. Eerlijkheidshalve mag ook gezegd dat het voor jongeren in de voorsteden niet eenvoudig is om werk te vinden. Ze moeten daarbij afrekenen met een zekere vijandigheid vanwege de autochtone bevolking, maar ook hun eigen “arbeidscultuur” werpt grenzen op.

Veel was er dan ook niet nodig om mensen, vooral jongeren, te doen ontvlammen bij het minste of het geringste. De dood van twee jongens is niet meer dan een stok om een hond mee te slaan. Laten we dan toch even oorzaak van gevolg scheiden. Hoewel er een onafhankelijk onderzoek werd beloofd naar de omstandigheden van hun dood wordt er gesproken van een ongeluk. Dat wil zeggen: naar aanleiding van een politiecontrole gingen deze twee jongeren op de loop, verschansten zich in een elektriciteitscabine, met fatale gevolgen. Intellectueel is het oneerlijk te stellen dat de politie hiervoor verantwoordelijk is, immers is het zo dat de politie, een uitvloeisel van de verlichting, gemachtigd is om haar burgers te controleren. Het is een Westerse invalshoek om soldaten als machtsmiddel tegen andere staten te gebruiken en de interne controle aan andere ambtenaren toe te vertrouwen. Ik denk dat hier weinig tot geen bezwaar kan tegen rijzen. Stelt u zich even het omgekeerde voor, militaire macht inzetten tegen de eigen burgers? Ik denk dat we blij mogen zijn dat we deze periode van de geschiedenis (tijdelijk) de rug hebben toegekeerd.

De rellen die we zo “mooi” in beeld krijgen na de dood van deze twee jongeren is een onvrede, een onvrede waar de relschoppers de maatschappij als mikpunt zien. Haat tegenover de maatschappelijk realiteit, zo zou je het eerder kunnen omschrijven. “Blinde haat” is een meer correcte term. Als daar tegenover ordediensten staan, een vertegenwoordiging van die maatschappij, dan hoef ik slechts een enkele maal aan te geven dat conflict verder gaat dan een simpele vergeldingsactie. De vraag is nu wie er de rekening betaalt voor heel dit perverse circus. Verzekeringsmaatschappijen waren er als de kippen bij om een voorlopige balans op te maken van de aangerichte schade. Een openstaande factuur, een gezellige vaststelling?

Historisch gezien hebben we gekozen om de overheid een bepaalde beschermende en normerende rol toe te bedelen. Thomas Hobbes zag terecht zijn “Leviathan” als een manier om de strijd van allen tegen allen uit te schakelen. Privé-milities werden verbonden onder Kardinaal Richelieu, en zo lijkt het ook maar terecht: geweld mag slechts door één instelling gebruikt worden en dat is door de overheid. Is die overheid willekeurig in haar optreden? Als we de marginale corruptie en externaliteiten buiten beschouwing laten is die overheid niet willekeurig: zij is voorspelbaar omdat ze de wetten volgt. Hoe de wetten precies tot stand komen is een andere zaak, maar in Europa kunnen we veilig stellen dat die via een democratische procedure verloopt. De overheid is dus ook een beschermheer zoals het “sociaal contract” eigenlijk inhoudt: zij moet haar burgers verdedigen en als we verder doordenken, ook eigendom zien te waarborgen.

Hier loopt het momenteel grondig mis. Nu we ongeveer duizend auto’s in vlammen hebben zien opgaan, brandstichting in openbare gebouwen filmen en zelfs kogels die richting de politie afgevuurd werden: wat nu? Mijn mening is dat de overheid orde moet kunnen verzekeren en dit niet om volgens kwatongen met de spierballen te rollen, maar omdat het haar plicht is. Wat met de burgers die in deze wijken wonen? Wat met de nu al talrijke mensen die hun auto hebben zien opbranden en die geterroriseerd worden door jeugdbendes? Hebben zij dan geen recht meer op bescherming? Ik kan me moeilijk akkoord verklaren met het statement dat men niet zou mogen ingrijpen. Zoals altijd komen er uit bepaalde politieke hoek giftige argumenten, tenslotte zijn niet alle overtuigingen verlekkerd op een overheidoptreden, maar zijn die terecht? Ik meen van niet, net omdat mensen bescherming verdienen.

Wanneer de maatschappij openlijk wordt aangevallen, rellen als een vorm van blinde haat die we de laatste jaren zien in deze buurten, hoe moet de overheid dan reageren? Ik betwijfel of de relschoppers “gespuis” noemen er veel aan verbetert, maar het bevat een grond van waarheid: protesteren kan je nog steeds op een andere manier. Het kan immers niet dat je een (groot?) gedeelte van de daar wonende bevolking, allochtonen, mee gijzelt via deze rellen. Deze mensen hebben ook recht op hun eigendom en op bescherming. Hoe kan deze bescherming worden gegeven door de overheid als ze al dan niet mag optreden? Bepaalde politieke strekkingen zouden best in eigen boezem kijken en een gevoel voor realiteit beginnen te ontwikkelen, want tot nu toe is de burger die zich wel legaal ophoudt, belastingen betaalt en het hoofd schudt bij elke berichtgeving omtrent die rellen gestraft.

Ik hoop in elk geval dat de rust zal terugkeren nadat de rellen gestopt worden, dan wordt het dringend tijd om de maatschappelijke en materiële schade op te meten. Er is werk, veel werk, nodig om wat hier aangericht is te herstellen. Deze keer zou het wél een pluspunt zijn moest zowel de politieke overheid als de Franse allochtone gemeenschap wezenlijk zou kijken naar wat er misloopt en hoe een herhaling kan worden voorkomen in ieders belang. Zelfkritiek is een correcte basis voor elk bijstellen van beleid, maar ook de allochtonen mogen voor eigen deur vegen. In deze maatschappij gelden regels en die zijn in principe absoluut. Gelijkheid betekent in geen geval dat iemand zich boven de wet kan en mag stellen, ook relschoppers (om welke reden dan ook) niet. Het laten uit elkaar zwermen van grote concentraties Fransen met allochtone oorsprong en een funeste poging om jobs te creëren moet zulke uitwassen voorkomen. Ik hoop dat de volgende keer dat Parijs gaat slapen het onder een gezellige gloed zal zijn, niet enkel deze van nasmeulde maatschappelijke problemen en autowrakken.

Dries Verbraeken

ZoekenMeer info

Het Weer

Recensies

Nieuws

Cartoons