Tekst vergroten Tekst verkleinen

Advertentie

Hof bevestigt straffen voor fataal afgelopen exorcisme

ANTWERPEN - 'Voorbedachte OSVOD' ipv foltering - Lesbische geaardheid was niet het motief

Othmane Galoubi (32) hoorde vrijdag zijn straf van tien jaar cel voor een fataal afgelopen duiveluitdrijving niet bevestigen in het Antwerpse hof van beroep: hij laat immers verstek en zijn onmiddellijke aanhouding werd opnieuw bevolen. In oktober 2009 had hij de 18-jarige Layla voorbedacht 'opzettelijk zware slagen en verwondingen' toegebracht, met 'ongewild de dood tot gevolg' (OSVOD), "de feiten gepleegd zijnde door haar vader, moeder of andere bloedverwanten in de opgaande lijn, of door enige andere persoon die gezag heeft over het slachtoffer dat uit hoofde van zijn lichaams- of geestestoestand niet bij machte is om in zijn onderhoud te voorzien of door een persoon die haar onder zijn bewaring heeft, of door een persoon die occasioneel of gewoonlijk samenwoont met het slachtoffer” (sic). In eerste aanleg weerhield de rechter nog de kwalificatie 'foltering', maar dat acht het hof niet bewezen: het was immers niet de bedoeling het meisje onder druk te zetten door haar de vreselijke pijnen van de brandwonden te laten ondergaan. (Foto's PagiA)

De ouders, die de gebedsgenezer ingeschakeld hadden om de duivels uit het lichaam van hun lesbische dochter te verdrijven, werden mee vervolgd en opnieuw tot vijf jaar cel veroordeeld voor schuldig hulpverzuim. Voor de moeder is twee jaar daarvan effectief, voor de vader één. In eerste aanleg was alleen de ondergane voorhechtenis effectief. Twee halfzussen van Layla hadden zich burgerlijke partij gesteld. Ze kregen elk 3.000 euro schadevergoeding toegekend.

Ouders mededaders ipv benadeelden

De homo-werkgroep çavaria en het antiracismecentrum visten achter het net, vermits, volgens parket, rechtbank en hof, niet vaststaat dat de geaardheid van Layla aan de basis lag van de feiten. De ouders hadden zich ook burgerlijke partij gesteld tegen hun exorcist, maar dit werd om evidente redenen afgewezen: ze hadden zelf zijn 'hulp' ingeroepen en waren mededaders bij het onbedoelde doden van hun dochter. "Hun 'culturele achtergrond' en primitieve ingesteldheid mag geen excuus zijn, vooral omdat ze al tientallen jaren in onze samenleving functioneren", aldus - vrij vertaald, het arrest.

De ouders hadden de vrijspraak gevraagd en wijzen met een beschuldigende vinger naar Othmane, in wie ze grenzeloos vertrouwen hadden. De twee halfzussen vinden dan weer dat de zaak voor assisen had moeten komen.

Homofoob arrest?

Veel was te doen over de weigering van parket, rechtbank en hof om de seksuele geaardheid te weerhouden als motief voor de duiveluitdrijving (waardoor sommige waarnemers de term 'homofoob arrest' in de mond namen). Het antwoord van het hof:

"Het staat niet vast dat de drijfveer voor de opzettelijke slagen en verwondingen bestaat in de haat tegen, het misprijzen van of de vijandigheid tegen een persoon wegens diens seksuele geaardheid. Hoewel er enkele aanwijzingen zijn dat het slachtoffer Layla een lesbische geaardheid had (het afgeluisterde telefoongesprek tussen de beklaagde El Aafrouki Aicha en een onbekende vrouw van 23 oktober 2009, de verklaringen van klastitularis Van Reusel en van Indira, zijnde de vriendin van Layla, bepaalde passages in het dagboek van Layla, de meldingen in chatgesprekken van Layla) is er onvoldoende bewijs dat de mogelijke seksuele geaardheid de drijfveer was voor de ten laste gelegde feiten".

"Hiervoor wordt verwezen naar

- het verslag van de psychiaters dat ook verwijst naar de Marokkaanse cultuur, volgens dewelke homoseksualiteit, waarop een taboe rust, niet met een “ruqya” of duiveluitdrijving “geremedieerd” kan worden,

- het tijdstip waarop Layla volgens haar schoolvriendin Laura Gomes haar seksuele geaardheid aan haar moeder kenbaar maakte (mei 2009) en de datum waarop de hulp van de eerste beklaagde werd ingeroepen (7 oktober 2009),

- de verklaringen van de burgerlijke partijen Warda en Ekram Achichi, zijnde de stiefzusters van Layla, die enerzijds duidelijk geïntegreerd zijn in de westerse cultuur en geen probleem hebben met de seksuele geaardheid van een persoon, anderzijds toch niet helemaal overtuigd lijken te zijn van de seksuele geaardheid van Layla (stukken 91 en 396),

- de verklaring van de buurman Zougghari, die stelde dat de beklaagde El Aafrouki de hulp van de eerste beklaagde inriep omdat Layla schuchter en teruggetrokken was (stuk 711),

- de verschillende verklaringen waaruit de overtuiging blijkt dat boze geesten het eten in de buik wegnamen, waardoor Layla extreem mager was".

Het aanzien als duiveluitdrijver

En verder over de strafmaat: "Daarbij wordt uitdrukkelijk rekening gehouden met de beperkte intellectuele ontwikkeling van de ouders, hun culturele primitieve achtergrond en hun goed strafrechtelijk verleden. De bewezen verklaarde feiten zijn zeer ernstig. Een jong meisje, dat recht had op hulp en verzorging, verloor het leven door de gezamenlijke handelingen van de drie beklaagden. De eerste beklaagde wist zeer goed wat hij deed, doch misbruikte de goedgelovigheid van de ouders, voor eigen aanzien als duiveluitdrijver en als persoon die de problemen kon oplossen", aldus het arrest.

En tenslotte: "Aan ieder van de beklaagden wordt zeer zwaar aangerekend dat, na de eerdere door kokend water veroorzaakte letsels te hebben vastgesteld en na de fysieke achteruitgang van Layla mee te hebben beleefd, geen dringende medische hulp werd ingeroepen. Integendeel, opnieuw werd een beroep gedaan op Galouby Othmane, wetende welke gruwel deze reeds had aangericht, en werd de intensiteit bij het toebrengen van letsels nog opgevoerd door het gebruik van bijtende soda. Aan de hierna vermelde beklaagden, die hiertoe in de wettelijke voorwaarden verkeren, kan, gelet op hun aandeel in de feiten en ondergeschikte rol in de beslissingen, in de mate als vermeld uitstel van tenuitvoerlegging worden verleend".

TER HERINNERING: PagiA dd° 12/02/2016

Bijna een jaar geleden werd gebedsgenezer Othmane G. (32) door de correctionele rechtbank tot tien jaar cel veroordeeld, niet wegens 'opzettelijke slagen met ongewild de dood tot gevolg' (OSVOD), zoals de originele vervolging heette, maar voor 'foltering' van de 18-jarige Layla A. Opmerkelijk ook was toen vooral dat de rechtbank het parket volgde in zijn stelling dat de lesbische geaardheid van het slachtoffer niet het motief was voor het inschakelen van een exorcist, dit terwijl de hele school (het Sint-Lievenscollege) op de hoogte was van die geaardheid én van de problemen die de ouders daarmee hadden. Voor de islam is een homo door de duivel bezeten, zodat het inschakelen van een gebedsgenezer om die duivel uit te drijven voor de hand lag.

Zwaardere kwalificatie

Ook opmerkelijk was de dubbelrol in de procedure van Hamid A. (74) en Aicha E.A. (50), de ouders van Layla: ze werden mee vervolgd omdat ze de gebedsgenezer hadden besteld en hem zijn gang lieten gaan, maar stelden zich tegelijk burgerlijke partij tegen hem. Hun eis werd om evidente redenen onontvankelijk verklaard. Voor hun aandeel kregen zij elk vijf jaar cel, waarvan alleen de eerder ondergane voorhechtenis effectief.

Die ouders hadden de 'genezer' geconsulteerd om hun dochter van een aantal kwalen te verlossen. Othmane, die illegaal in dit land woont en 'werkt' maar in voorlopige vrijheid was gesteld, daagde niet op om het vonnis te aanhoren. De rechtbank beval dan ook de onmiddellijke aanhouding van de gebedsgenezer en verklaarde de 6.500 euro borg waarmee hij zijn voorlopige vrijheid had afgekocht, verbeurd.

De drie beklaagden werden schuldig bevonden aan foltering, wat een zwaardere kwalificatie is dan de tenlastelegging waar ze voor vervolgd werden, namelijk het opzettelijke toebrengen van slagen en verwondingen die ongewild haar dood tot gevolg hadden (OSVOD).

Onwillige duivels

Layla kampte begin oktober 2009 met fysieke en psychische problemen. Ze woog nog maar 34 kilogram. Haar ouders dachten dat er 'djinn' of duivels in haar zaten die haar eten stalen. Moeder Aicha riep de hulp van een gebedsgenezer in die de tiener gedurende drie dagen aan een duiveluitdrijving onderwierp.

Het begon allemaal vrij onschuldig: Othmane las koranverzen voor, Layla moest haar eten besprenkelen met gezegend water, werd ingesmeerd met olijfolie en moest ruiken aan 'qatraan', een soort teer of pek. De djinn weigerden haar lichaam echter te verlaten.

Derdegraadsbrandwonden

In de nacht van 9 op 10 oktober liet de gebedsgenezer haar daarom in haar pyjama plaatsnemen in bad en goot hij kokend water over haar buik. Aicha bemerkte na die eerste sessie een brandwonde op de hand van haar dochter. Toch liet ze hem in de loop van de nacht terugkomen voor een tweede sessie met kokend water. Vader Hamid hoorde het meisje gillen en zag door een kier van de slaapkamerdeur hoe Othmane haar sloeg. Hij ondernam echter niets om haar te helpen.

Pas de volgende morgen werden de hulpdiensten verwittigd, toen Layla al dood was. Er werden tweede- en derdegraadsbrandwonden op 9 procent van haar lichaam aangetroffen. Haar ouders lieten aanvankelijk uitschijnen dat het om een ongeval ging en verzwegen de tussenkomst van de gebedsgenezer.

"Foltering op een kwetsbare persoon door zijn precaire toestand"

Uit het verslag van de wetsdokter blijkt dat de sessies met kokend water niet tot haar dood hadden geleid, wel de combinatie van vochtverlies met chemische brandwonden, die door een sterk base, zoals ontstopper, veroorzaakt werden. Het onderzoek bracht niet aan het licht over welk bijtend product het ging en wie dat had aangebracht.

Dat nam volgens de rechtbank niet weg dat de sessies met kokend water helse pijnen hadden veroorzaakt en dat Layla enorm fysiek en mentaal geleden moest hebben. De feiten werden daarom geherkwalificeerd naar "foltering op een kwetsbare persoon door zijn precaire toestand", waarmee de rechtbank doelde op haar laag lichaamsgewicht en verzwakte toestand.

Lesbische geaardheid niet aangetoond als drijfveer

De homobeweging Çavaria stelde zich burgerlijke partij in de zaak om een grondig onderzoek naar een eventueel homofoob motief te garanderen. De rechtbank vond het niet bewezen dat de mogelijke lesbische geaardheid van Layla de drijfveer voor de feiten was.

Haar ouders hadden het beste met haar voor en vertrouwden blindelings op de gebedsgenezer, maar dat nam volgens de rechtbank niet weg dat ze ook een eigen verantwoordelijkheid hebben in dit drama. "Het islamitisch geloof in duivels en de behandelwijze mogen er nooit toe leiden dat iemand op dergelijke wijze gefolterd wordt zoals bij Layla gebeurd is", aldus de rechters in hun vonnis.

Jan Heuvelmans

Bron(nen):
Hof Van Beroep
PagiA-nieuwsgaring
PagiA-archief
Media Services (http://www.mediaservices.be/)

ZoekenMeer info

Het Weer

Recensies

Nieuws

Cartoons