Tekst vergroten Tekst verkleinen

Advertentie

Fataal afgelopen exorcisme in hof van beroep

ANTWERPEN - Foltering ipv OSVOD - Lesbische geaardheid geen motief bij de ouders

In Antwerpen behandelt het hof van beroep morgen en vrijdag de zaak van de fataal afgelopen duiveluitdrijving. In maart jl. werd gebedsgenezer Othmane G. (32) door de correctionele rechtbank tot tien jaar cel veroordeeld, niet wegens 'opzettelijke slagen met ongewild de dood tot gevolg' (OSVOD), zoals de originele vervolging heette, maar voor 'foltering' van de 18-jarige Layla A. Opmerkelijk ook was toen vooral dat de rechtbank het parket volgde in zijn stelling dat de lesbische geaardheid van het slachtoffer niet het motief was voor het inschakelen van een exorcist, dit terwijl de hele school (het Sint-Lievenscollege) op de hoogte was van die geaardheid én van de problemen die de ouders daarmee hadden. Voor de islam is een homo door de duivel bezeten, zodat het inschakelen van een gebedsgenezer om die duivel uit te drijven voor de hand lag. (Foto's PagiA)

Ook opmerkelijk was de dubbelrol in de procedure van Hamid A. (74) en Aicha E.A. (50), de ouders van Layla: ze werden mee vervolgd omdat ze de gebedsgenezer hadden besteld en hem zijn gang lieten gaan, maar stelden zich tegelijk burgerlijke partij tegen hem. Hun eis werd om evidente redenen onontvankelijk verklaard. Voor hun aandeel kregen zij elk vijf jaar cel, waarvan alleen de eerder ondergane voorhechtenis effectief.

Zwaardere kwalificatie

Die ouders hadden de 'genezer' geconsulteerd om hun dochter van een aantal kwalen te verlossen. Othmane G., die illegaal in dit land woont en 'werkt' maar in voorlopige vrijheid was gesteld, daagde niet op om het vonnis te aanhoren. De rechtbank beval dag ook de onmiddellijke aanhouding van de gebedsgenezer en verklaarde de 6.500 euro borg waarmee hij zijn voorlopige vrijheid had afgekocht, verbeurd.

De drie beklaagden werden schuldig bevonden aan foltering, wat een zwaardere kwalificatie is dan de tenlastelegging waar ze voor vervolgd werden, namelijk het opzettelijke toebrengen van slagen en verwondingen die ongewild haar dood tot gevolg hadden.

Onwillige duivels

Layla kampte begin oktober 2009 met fysieke en psychische problemen. Ze woog nog maar 34 kilogram. Haar ouders dachten dat er 'djinn' of duivels in haar zaten die haar eten stalen. Moeder Aicha riep de hulp van een gebedsgenezer in die de tiener gedurende drie dagen aan een duiveluitdrijving onderwierp.

Het begon allemaal vrij onschuldig: Othmane las koranverzen voor, Layla moest haar eten besprenkelen met gezegend water, werd ingesmeerd met olijfolie en moest ruiken aan 'qatraan', een soort teer of pek. De djinn weigerden haar lichaam echter te verlaten.

Derdegraadsbrandwonden

In de nacht van 9 op 10 oktober liet de gebedsgenezer haar daarom in haar pyjama plaatsnemen in bad en goot hij kokend water over haar buik. Aicha bemerkte na die eerste sessie een brandwonde op de hand van haar dochter. Toch liet ze hem in de loop van de nacht terugkomen voor een tweede sessie met kokend water. Vader Hamid hoorde het meisje gillen en zag door een kier van de slaakamerdeur hoe Othmane haar sloeg. Hij ondernam echter niets om haar te helpen.

Pas de volgende morgen werden de hulpdiensten verwittigd, toen Layla al dood was. Er werden tweede- en derdegraadsbrandwonden op 9 procent van haar lichaam aangetroffen. Haar ouders lieten aanvankelijk uitschijnen dat het om een ongeval ging en verzwegen de tussenkomst van de gebedsgenezer.

"Foltering op een kwetsbare persoon door zijn precaire toestand"

Uit het verslag van de wetsdokter blijkt dat de sessies met kokend water niet tot haar dood hadden geleid, wel de combinatie van vochtverlies met chemische brandwonden, die door een sterk base, zoals ontstopper, veroorzaakt werden. Het onderzoek bracht niet aan het licht over welk bijtend product het ging en wie dat had aangebracht.

Dat nam volgens de rechtbank niet weg dat de sessies met kokend water helse pijnen hadden veroorzaakt en dat Layla enorm fysiek en mentaal geleden moest hebben. De feiten werden daarom geherkwalificeerd naar "foltering op een kwetsbare persoon door zijn precaire toestand", waarmee de rechtbank doelde op haar laag lichaamsgewicht en verzwakte toestand.

Lesbische geaardheid niet aangetoond als drijfveer

De rechters vonden het niet aangetoond dat Layla niet in staat was om in haar eigen onderhoud te voorzien. Ze was immers 18 en en volgde normaal onderwijs. Als dat niet het geval was geweest, dan had de rechtbank zich onbevoegd moeten verklaren en waren de beklaagden als beschuldigden voor assisen moeten verschijnen.

De rechtbank vond het evenmin bewezen dat de mogelijke lesbische geaardheid van Layla de drijfveer voor de feiten was. Haar ouders hadden het beste met haar voor en vertrouwden blindelings op de gebedsgenezer, maar dat nam volgens de rechtbank niet weg dat ze ook een eigen verantwoordelijkheid hebben in dit drama. "Het islamitisch geloof in duivels en de behandelwijze mogen er nooit toe leiden dat iemand op dergelijke wijze gefolterd wordt zoals bij Layla gebeurd is", aldus de rechters in hun vonnis.

Jan Heuvelmans

Bron(nen):
PagiA-nieuwsgaring
Hof Van Beroep
PagiA-archief
Media Services (http://www.mediaservices.be/)

ZoekenMeer info

Het Weer

Recensies

Nieuws

Cartoons