Tekst vergroten Tekst verkleinen

Advertentie

27 van de 29 beklaagden na 13 jaar 'louter schuldig' verklaard

ANTWERPEN - Voorwaardelijke straf voor 'bedrijfsadviseur' die sterfhuiskunde doceerde

De Antwerpse strafrechter verklaarde woensdag 27 van de 29 beklaagden die hadden meegedraaid in 'sterfhuisconstructies', 'louter schuldig'. De feiten waarvoor ze terecht stonden, waren wel bewezen maar ze al zo oud dat een straf vandaag een schending van de rechten van de verdediging zou inhouden. Alleen de ‘goeroe van de sterfhuisconstructie’ en zijn toenmalige partner kregen elk twee jaar cel, uiteraard met uitstel, plus een fiscale maximumboete van 12.500 euro. Ook krijgen beiden tien jaar beroepsverbod opgelegd. Datzelfde geldt voor 16 van de 27 anderen: zij mogen de komende vijf jaar geen boekhouder, accountant, revisor of iets dergelijks zijn. TER HERINNERING (UIT HET PAGIA-ARCHIEF): Hoewel de feiten al meer dan twaalf jaar oud zijn, werden er begin vorige maand, toen de zaak behandeld werd, nog straffen gevorderd tot 50 maanden effectief. Een sterfhuisconstructie is een omgekeerde sanering: in plaats van de zieke organen worden de gezonde uit het lichaam gesneden en te gelde gemaakt. De lichamen zijn in dit geval bedrijven die op sterven na dood zijn. Op het einde van de rit blijft, bij het faillissement, alleen een lege doos over, zodat de schuldeisers en eventuele werknemers achter het net vissen en de curator niet eens zichzelf kan bedienen. Berchemnaar Paul V. (53) is sedert jaren de hogepriester van het systeem. Hij heeft het organiseren van een sterfhuisconstructie tot kunst verheven en ontwikkelde naar eigen zeggen een waterdichte techniek om de bestaande wetgeving te omzeilen. Hij ging zelf op zoek naar bedrijven in moeilijkheden en trok de verantwoordelijken over de streep voor een 'oplossing op maat'. Voor een aanzienlijk ereloon nam hij het bedrijf over en verhuisde het naar een nieuw adres om schuldeisers te ontlopen. Maar het eindigde steeds in een faillissement. “Ik deed niks illegaals”, blijft V. voorhouden. "En wie met mij in zee wilde gaan en het zaakje niet helemaal betrouwde, kreeg steevast de raad een notaris of curator te raadplagen. Nooit kwam er een klacht van die kant”. Toch worden de 29 beklaagden van vandaag meestal vervolgd voor bedrieglijke bankbreuk en al wat daar komt bij kijken: het onttrekken van activa aan de vennootschap, schriftvervalsing, gebruik van de valse stukken, fiscale inbreuken en dies meer. Er hadden zich ca. 25 burgerlijke partijen gemeld: de meesten zijn zaakvoerder, zaakgelastigde of curator van een door de goeroe leeggezogen firma. De openbaar aanklager vorderde voor Paul V. 50 maanden cel en de fiscale maximumboete van 12.500 euro. Twee belangrijke medewerkers riskeren zware straffen: Willem O. hing 40 maanden cel en dezelfde 12.500 euro boven het hoofd en Gilbert V., het financiële brein, hoorde eveneens 40 maanden cel plus een correctionele boete van 5.000 euro tegen zich vorderen. Al de anderen mochten straffen verwachten van 22 maanden tot 3 maanden met uitstel. Een vijftal kon vrijuit gaan wegens verjaring. 'Bedrijfsadviseur' Paul V., die zich door een loco-advocaat liet vertegenwoordigen, pleitte via die laatste kort 'strafopslorping' met de zeven maanden voorwaardelijk die hem in 2003 door het hof van beroep werden opgelegd. "Overigens, mijn cliënt ontwikkelde een legaal systeem om de wetgeving rond faillissementen te omzeilen. Vandaag geeft hij voor 1.500 euro per maand lezingen in hogere wiskunde om zich in leven te houden". De andere beklaagden noemen zich slachtoffer van de grootspraak van de man die sterfhuiskunde doceerde en een sfeer van straffeloosheid creëerde. Zo is er Carina S., een 61-jarige vrouw uit Antwerpen. Zij kijkt aan tegen een navordering van 30 miljoen frank van de belastingen en het OM Wil ze 22 maanden achter de tralies. Vandaag is ze, na een mislukt avontuur in Atlanta, een invalide OCMW-steuntrekster. Ze kon niet op haar proces aanwezig zijn omdat ze onlangs een zware operatie heeft ondergaan in het ziekenhuis. Het dossier lag vier jaar onaangeroerd in de kast van het parket, terwijl er over het hele land verspreid nog gelijkaardige onderzoeken liepen met deels dezelfde verdachten. De meesten geven toe dat de verjaring van de feiten 'gestuit' werd, maar er blijft het feit dat de redelijke termijn ver overschreden is. Een loutere schuldigverklaring zit er dus in. Daarbij wordt geen straf of boete uitgesproken, maar de burgerlijke partijen kunnen wél op een schadevergoeding rekenen.

Jan Heuvelmans

Bron(nen):
Correctionele rechtbank
Parket-generaal
PagiA-archief
Media Services (http://www.mediaservices.be/)

ZoekenMeer info

Het Weer

Recensies

Nieuws

Cartoons