Tekst vergroten Tekst verkleinen

Advertentie

Politics.be sprak met Bart Verhaeghe

Bart Verhaeghe is een succesvolle ondernemer. In een mum van tijd katapulteerde hij zichzelf, met zijn bedrijf Eurinpro, in de top-100 van de rijkste Belgen. Op zijn weg werd hij geconfronteerd met een aantal dilemmaís van deze maatschappij. Hij schreef een boek waarin hij vooral bestaande analyses toetst aan de realiteit en enkele opmerkelijke nieuwe ideeŽn lanceert.

Onder de opvallende, lange en erg opmerkelijke titel "Zeg niet aan mijn moeder dat ik ondernemer benÖ Ze denkt dat ik op zoek ben naar een job" doet hij een aantal voorstellen tot wijzigingen in de maatschappelijke mentaliteit. We moeten anders leren denken over economie, mobiliteit, migratie, arbeid, leefmilieu, vakorganisaties, ... Zijn motto: "Welvaart is het hoogste doel, want welvaart brengt geluk !"

Lees nu...

Bart Verhaeghe is een succesvolle ondernemer. In een mum van tijd katapulteerde hij zichzelf, met zijn bedrijf Eurinpro, in de top-100 van de rijkste Belgen. Op zijn weg werd hij geconfronteerd met een aantal dilemma's van deze maatschappij. Hij schreef een boek waarin hij vooral bestaande analyses toetst aan de realiteit en enkele opmerkelijke nieuwe ideeŽn lanceert.

Onder de opvallende, lange en erg opmerkelijke titel "Zeg niet aan mijn moeder dat ik ondernemer benÖ Ze denkt dat ik op zoek ben naar een job" doet hij een aantal voorstellen tot wijzigingen in de maatschappelijke mentaliteit. We moeten anders leren denken over economie, mobiliteit, migratie, arbeid, leefmilieu, vakorganisaties, ... Zijn motto: "Welvaart is het hoogste doel, want welvaart brengt geluk !"

Enkele ideeŽn samengevat (uit boek en interview):

  • Bescherming van de welvaart moet ons allerhoogste doel worden, want die welvaart stelt ons in staat om onze hele maatschappij draaiende te houden.
  • Ondernemerschap moet opwaardering krijgen. Ondernemerschap is een nobel beroep.
  • We moeten streven naar een gezonde verhouding van tussen werkenden en niet-werkenden in deze maatschappij.
  • Beoordeel migranten op hun toegevoegde waarde voor onze maatschappij.
  • We evolueren naar een werelddorp en de politiek tracht het verlies aan macht in te perken door regelgeving.
  • Een mislukking in het ondernemerschap is geen schande. Een mislukte ondernemer heeft geleerd uit zijn mislukking en verdient meerdere kansen.
  • de maatschappij heeft opnieuw nood aan 10 geboden in plaats van aan regelgeving.
  • Bericht aan de media: Vlamingen zijn geen paparazzi publiek!
  • Vang de lage geboortecijfers op door het migreren van buitenlanders (in economische context).
  • De werkgeversorganisaties zijn instituten zonder democratische basis en worden bevolkt door ambtenaren.
  • De politiek heeft een generatie nodig die haar ego opoffert in het belang van de maatschappij.
  • Gepensioneerden moeten de vrijheid krijgen om te mogen werken zonder beperking en zonder verlies van pensioen.

U leest mee?

Het persbericht, dat u verstuurde ter gelegenheid van de lancering van uw boek, heeft onze aandacht getrokken. Vooral de kijk op de thema's in het boek vanuit het oogpunt van een ondernemer, maakt het grote verschil. Wat heeft u bewogen om zo'n boek te schrijven?
Mijn oudste dochter vroeg aan mij: "Papa, wat moet ik later worden, kapster of onderwijzeres?" Ik antwoorde daarop: "doe wat je graag doet en wat je goed kan." Maar achteraf dacht ik: Is het antwoord wel zo eenvoudig? Is BelgiŽ trouwens wel de goede biotoop om iets te doen of te worden?

Ik vind dat wij als Vlamingen wat te zelfgenoegzaam zijn. Ik wil de mensen een beetje wakker schudden. Beseffen we wel dat het bijvoorbeeld demografisch niet zo goed zit? Het is natuurlijk leuk dat iedereen wat ouder wordt. Maar anderzijds zijn er steeds minder mensen die werken. Als wij aan ons oud systeem vasthouden dan gaat binnenkort 70 procent niet werken en blijven slechts 30 procent werken. Dan moet je nog alleen maar afvragen welke politici wij gaan krijgen, politici die verkozen zijn door die 70 procent niet-werkenden? En wiens belangen zullen zij dienen? Dat beangstigt mij. Dat is niet logisch want wij zitten met 30 procent werkenden en het is die minderheid die de kosten van de maatschappij draagt...

Als we zover zijn, in de toekomst, dan ben ikzelf misschien bij die 70%. Ik vrees dat mijn dochter die verhouding 30/70 niet zo leuk zal vinden. Ze zou op dat moment best wel eens kunnen zeggen: ik ga dat contract niet aan met de Staat waar die verhoudingen zo slecht liggen. Ik ga naar een Staat waar de verhoudingen veel beter liggen. Kan je ze ongelijk geven? In de Verenigde Staten zou de verhouding 50/50 blijven, misschien zelfs meer werkenden dan niet-werkenden. Ook AziŽ telt meer werkenden tegenover niet-werkenden. Wij staan onder druk!

Bovendien hebben wij geen ondernemerscultuur. Ik bedoel daarmee dat de faalangst zo groot is. Gefailleerd zijn, mislukken, is bijna doodzonde. Dat zit er zo diep in bij ons. In Amerika en AziŽ krijg je een kans. Mislukt je businessidee, dan heb je een kans gehad. Maar als je opnieuw kapitaal vindt, mag je terug starten. Er zijn er die zo zes of zeven keren zijn begonnen vooraleer ze in hun eigen bedrijf geslaagd zijn. Dat zou in onze cultuur niet kunnen. Nochtans, uit falen leer je ook veel, en kan je ook sterk worden, in plaats dat het negatief voor iemand voor de rest van zijn leven is.

Ik denk dat ik de volgende raad aan mijn dochter zal geven: ga naar een biotoop, een cultuur die veel positiever staat tegenover ondernemers. En vandaag vind ik daar West-Europa niet het beste voorbeeld van!

Er zijn heel wat factoren die het hier momenteel goed maken. We hebben de hoogste levensstandaard. Het is op dit moment helemaal niet zorgwekkend. Maar ik zeg dit niet voor vandaag, maar voor de volgende generatie! Ik ben daar bezorgd over, en ik vind dat niet terug in het politieke denken.

Als ondernemer ben je wel verplicht hierover na te denken. Ik denk na over waar we over vijftien jaar zullen staan. Het klinkt vreemd, maar het is nochtans belangrijk. Hoe plaats ik Eurinpro best op de kaart van West-Europa (en zelfs de wereld) opdat het een duurzame onderneming zou blijven? DŠt is mijn zorg vandaag! Het is een doelbewust plan dat je uitwerkt.

En als je merkt dat de thema's die op de politieke agenda staan vandaag de dag allemaal zo'n kortzichtige thema's zijn uitgezonderd de werkgelegenheidsconferentie. Alles moet worden gerealiseerd binnen een legislatuur. Al drie jaar maken ondernemers de beleidsmakers er op attent dat de het helemaal niet zo goed gaat met de economie. Wij (nvdr: Eurinpro) merkten dat heel goed, als verhuurder van kantoren. En al die jaren hielden ze zich bezig met randfenomenen van de maatschappij. Ik wil die niet als onbelangrijk afdoen. Maar ik vind dat dergelijk randproblemen door politici worden gebruikt als uitvlucht om niet aan het echte relevante, maar ook moeilijke werk te beginnen. Ze willen scoren op kort termijn en dat doe je natuurlijk gemakkelijker met kleine vlug oplosbare problemen.

11 september heeft het bewuswordingsproces weliswaar versneld. Maar ik stel vast dat er in de budgetten voor 2004 weinig groei of expansie is opgenomen, dus dan kan je het al niet realiseren in 2004. De zware investeringen zullen niet volgen in 2004. Ik vrees dat het nog een tijdje doorgaat voor er verbetering komt.

Uw standpunt is dus dat er verbetering komt als de politiek inziet dat ze de mensen meer moet laten ondernemen? En dat de regelgeving transparanter wordt...
Ik geloof dat je welvaart voor de maatschappij kan genereren door de mensen hun ding te laten doen. Dit kan zowel in de ondernemingen als in de non-profit sector. Laat mensen ondernemen. Laat ze initiatief nemen.

Bijvoorbeeld mobiliteit, daar neem ik een eigen standpunt in. Is het bijvoorbeeld sociaal om te stellen dat degene die niet werkt wacht voor degene die werkt? Vandaag rijdt degene die niet werkt gratis met de bus, gratis met de trein,Ö op de momenten dat hij ook maar wenst. Dat is eigenlijk niet rechtvaardig!

Men kan de mensen op andere tijdstippen laten werken. Dat betekent dat je flexibel moet worden. Ik denk dat dit het sleutelwoord wordt voor gans onze toekomst. Iedereen moet een beetje flexibel worden. Het is volgens mij de enige sleutel tot overleven in Europa. De norm van het aantal werkuren moet aangepast worden. Momenteel kan ik bijvoorbeeld 50 of 55 uren per week aan, maar binnen 10 jaar misschien maar 35 meer.
Wie heeft die norm van 40 uren uitgevonden? Mensen moeten werken wanneer het moet gebeuren. Wanneer klanten dat vragen!

U wil het "9 tot 5" patroon doorbreken?
Ja, ik denk dat we heel wat paradigma's moeten doorbreken die vandaag zo gevestigd zijn, en die zoveel belangengroepen als gevestigd beschouwen en niet in vraag durven stellen.
Ook ik als baas moet er op kunnen vertrouwen dat het personeel weet wat het moet doen, en het ook doet. Zoals het bij een krant gebeurt. Om 10u is de deadline, of je dat nu om 5 voor 10 doet maakt mij niet uit, maar het moet er wel zijn. En volgens die en die standaarden. De offerte moet buiten. In se is dat belangrijk en niet dat iedereen hier tot zes of tot vijf uur zit. Dat vergt evenwel een mentaliteitswijziging bij zowel werknemer als werkgever.

Er is ook een maatschappelijk aspect. Kinderzorg wordt een sociaal probleem als je het "9 tot 5" patroon doorbreekt.
Ook daar moeten we het patroon doorbreken! We moeten oplossingen durven zoeken eerder dan problemen aan te kaarten.

Er zijn vaak te technische regeltjes waarom iets niet kan. Je moet voor zo'n wereld durven openstaan en moet je heel wat taboes durven doorbreken. Ik als ondernemer moet die overboord gooien om te blijven bestaan. Waarom doen we dat allemaal niet een beetje meer? Ik merk van mensen in mijn omgeving, dat er daar heel veel toe bereid zijn.

"Eigenlijk zeggen zij dat ze superieur zijn, want zij weten beter dan de toekomstige generatie hoe zij hun maatschappij moeten vormen. [ Ö ] Waar halen we die pretentie vandaan om te bepalen dat wij over generaties heen beter weten hoe de maatschappij er moet gaan uitzien?"

U lanceert een stelling in uw boek: we gaan steeds meer naar een werelddorp, en tegelijkertijd proberen de staten de macht en kracht die zij verliezen te beperken door reglementen. Dat is me niet helemaal duidelijk wat u hiermee bedoelde?
Wat vind ik een typisch fenomeen van deze tijd? Ik ben geen groene, dat geef ik eerlijk toe. Maar de groenen zijn op een bepaald moment het prototype geweest van regelgeving en de gevolgen hiervan zullen wij nog generaties meedragen! Want ze hebben eigenlijk heel veel van hun slagen binnengehaald. Het beste voorbeeld is het structuurplan Vlaanderen. Er zijn teveel misbruiken geweest in het verleden Men heeft dat willen tegengaan met regelgeving. "Wij willen Vlaanderen vrijwaren voor de toekomst!" klonk het. "Dus gaan we het in lijnen trekken en kleuren geven en zeggen waar industrie en waar wonen hoort."

Eigenlijk zeggen zij dat ze superieur zijn, want zij weten beter dan de toekomstige generatie hoe zij hun maatschappij moeten vormen. "We gaan dat nu eens tekenen, en ze moeten daar maar naar luisteren binnen drie generaties hoe dat wij dat vandaag uitgestippeld hebben." (verontwaardigd) Waar halen we die pretentie vandaan om te bepalen dat wij over generaties heen beter weten hoe de maatschappij er moet gaan uitzien?

"Zou jij dat graag tegen je kinderen zeggen:' je mag groot worden maar alles ligt vast, hť makker!' Dat gaat uit van een intellectuele arrogantie die misplaatst is!"

Is dat structuurplan niet bedoeld om woongebieden, industriegebieden, milieugebieden en noem maar op te scheiden en zo te beschermen?
Nu komen we aan de fundamentele discussie. De vraag is: wat is het hoogste doel? En dan blijf ik zeggen dat welvaart mijn hoogste doel is. Wat ben je met een natuurgebied - ik ga het heel plat en cru uitdrukken - als je geen nagel hebt om aan je gat te krabben?

We moet de hoeveelheid van je natuurgebied ook in de juiste verhouding zien. Er bestaan studies die zeggen dat het totaal aantal bossen in Vlaanderen ten opzichte van de wereld niet zo veel betekenten dat de bossen in BraziliŽ de hele wereld in evenwicht houden. Luc Verelst heeft dit grondig onderzocht en via Association Verelst hebben wij daar meer hectaren bos aangekocht dan Vlaanderen in eigendom heeft. Dus ik weet over wat ik het heb. En wij hebben een minister van bosbeheer, Dua (sinds 26 mei is dit Ludo Sannen, red), en wat zij zegt is larie en apekool. Wat betekent haar/zijn bevoegdheid voor de hele wereld. En dan de tamtam die er rond gemaakt wordt Ö dat is absoluut irrelevant op wereldvlak.
Men kan op dat moment veel beter zeggen: voorzie een begroting van de Vlaamse regering dat je aan zo een gebied ginder geeft en bewaar het daar want dŠt is genoeg groene long voor de rest van de wereld en die systemen werken niet zo dat die groene long voor mensen die vlakbij wonen, hier moet liggen. Dat staat vast in wetenschappelijke studies.

Dus eigenlijk kan natuurgebied, volgens u, hier in Vlaanderen best opgeofferd worden?
Het enige wat ik wil zeggen is dat je de pretentie niet mag hebben...

...dat voor morgen vast te leggen.
Ja! Alstublieft. Zou jij dat graag hebben als je tegen je kinderen zegt: je mag groot worden maar alles ligt vast, hť makker! Dat gaat uit van een intellectuele arrogantie die misplaatst is.

Die regelgeving is er gekomen door een aantal wantoestanden die er reŽel zijn geweest. Men heeft Vlaanderen ongestructureerd volgebouwd. En nadien heeft men gezegd: "ah, we gaan eens alles in regels zetten". Hebben we daarmee ons doel bereikt? Hebben we daarmee welvaart gegenereerd? Het fenomeen dat hiermee versterkt is dat je angstig wordt. Het doodt elke creativiteit en elk nieuw initiatief. We gaan alles op voorhand afbakenen wat er moet zijn.

Ik stel het hier nogal ongenuanceerd want natuurlijk moeten er regels zijn. Het is alleen kortzichtig om steeds meer en steeds meer gedetailleerde wetgeving te maken in een maatschappij waarin alles steeds sneller verandert. Al deze regeltjes en wetten beletten ons, inclusief de beleidsmensen, om flexibel de veranderingen op te vangen. We hebben nood aan algemene regels die flexibel kunnen worden toegepast in functie van het behoud van een finaal doel. En we hebben nood aan vertrouwen in de komende generaties, vertrouwen ook in het algemeen.

Uiteindelijk zijn er heel wat zaken in de wereld die niet door onze politici kunnen geregeld worden. Gewoon omdat zij op die wetmatigheden geen grip meer hebben. Die macht zit niet meer bij hen.

Dat is dan de macht van de economie.
Dat is effectief de macht van het vrije verkeer en van goederen die uitgewisseld worden. Maar wat doet men dan typisch? Men maakt regels ! Regels zijn een nieuwe vorm van macht, om grip op de situatie te krijgen. Fiscale amnestie is het beste voorbeeld.. We gaan amnestie in BelgiŽ toelaten, we gaan dat koppelen aan regeltjes dat je dat moet gaan investeren in BelgiŽ. Europa heeft BelgiŽ wel al lang teruggefloten om te zeggen dat ze dit niet kan maken.

Het ontgaat hun en dus wat krijgt men typisch? Regelgeving!
En nadien klagen we met z'n allen. We moeten meer initiatief nemen. Maar wie initiatief wenst te nemen, moet 600 formulieren invullen. Men heeft daar geen zin in, en blijft gewoon werknemer.
Bij crisissen doet de politiek wat het juist nŪet mag doen: meer regels uitvaardigen.

We hebben ondertussen een staatssecretaris van administratieve vereenvoudiging.
De tweede zeker, niet?

Ja. Nu is het Van Quickenborne.
Maar ik ben daar absoluut een groot voorstander van, omdat ik denk dat heel wat regelgeving weg moet. Ik denk dat we soms de essentie moeten zien. Waarom doet men iets? Men gaat welvaart genereren in deze regio, hoe doe je dat het beste? Dan moet je mensen hebben die met ideeŽn naar voren komen en die welvaart kunnen genereren. Dan zeg ik dat we vandaag niet de beste biotoop zijn. En ik ben niet de enige die dat zegt!

Iedere burger kan ergens anders naartoe kan gaan. Doordat die barriŤres, die drempels er niet meer zijn, verspelen heel wat goede mensen. De laatste 10 jaar hebben we mensen verloren die een plus konden maken voor de maatschappij. Het aantal wetenschappers dat niet meer in BelgiŽ werkt maar in het buitenland, is dramatisch. Er zijn heel wat Vlamingen naar het buitenland vertrokken en ze nemen hun goede ideeŽn en ook vaak hun vermogen mee. En dan moeten we ons de vraag stellen: hoe komt het, dat wij hen hier niet hier hebben kunnen houden?

In uw boek zegt u: "we hebben terug nood aan iets als de 10 geboden." U vindt dus dat er geen normen meer zijn?
Als je iets wil misdadig wil doen in deze maatschappij, dan doe je dat ongeacht het aantal regels. Als je een schilderij wilt stelen, zelfs al zijn daar 10 bewakingssystemen, dan schakel je die alle 10 uit en zal je het alsnog stelen. Dat gebeurt vandaag nog altijd. Kwaad opzet ga je nooit uitsluiten, welke regelgeving je ook hebt.

Je gaat zoveel barriŤres maken dat je er niet meer toe komt om nog iets te doen. En die regels worden uitgevonden - en dat is in mijn sector wel een rare vaststelling - door niet-ondernemers. We krijgen dus meer en meer mensen die eigenlijk ambtenaren zijn. In een aantal commissies zit geen enkele ondernemer en zijn het de ambtenaren die de beleidsregels maken. Zij bepalen hoe een onderneming zich zou moeten gedragen.

Dat zei je ook over het mentaliteitsverschil met de Amerikanen: Wie niet probeert miljonair te worden, is niet zinvol bezig. Het niet belangrijk is of je het haalt of niet, maar wel dat je dat als doel stelt in je leven.
Rijk worden geeft geen zin aan je leven.. Je moet een zinvol leven uitbouwen met de talenten die je hebt. Of je rijk bent of arm, rijk wordt of arm blijft heeft daar niets mee te maken. Je moet zin aan je leven geven. En dat doe je niet met niets te doen, dat doe je door iets te ondernemen. En dat ondernemen zie ik heel ruim en zal bij iedereen verschillend zijn.

Zelfs de socialisten zeggen vandaag dat iemand die werkloos is, verantwoording moet afleggen. Men gaat naar de basisprincipes terug. Waarom ben je werkloos? Die vraag is hier jaren taboe geweest. Ik denk dat vandaag de dag die vraag meer dan ooit prangend is en daarom dat ik ook graag refereer graag naar Kennedy. Die zei: "vraag niet wat Amerika voor jou kan doen, maar wat jij voor Amerika kan betekenen". Het eigen initiatief, de eigen zingeving. WŠt je doet is niet belangrijk: verpleegster, kuisvrouw, Ömaakt niet uit. Doe iets. Voel je verantwoordelijk.Vandaag schuiven we echter alle verantwoordelijkheid af naar 'de Staat' of naar 'de politici'.

Ik heb medelijden met die politici.

Ja?
(peinzend) Ja, ik vind van wel. Ik vind het zeker geen dankbare job.

Ik denk persoonlijk dat de invloed van de pers ook veel te ver gaat.

Dat is ťťn van de verwijten in uw boek, aan het adres van de media. Dat ze eigenlijk veel te kort op thema's spelen die op termijn...
(onderbreekt) ...door de maatschappij misschien wel geregeld moeten worden. Zelfs in het regionale nieuws bij mij, ik woon in Vlaams Brabant, staat daar bovenaan "eerste homohuwelijk in Zaventem, groot blad, een foto van die twee mensen. Dat die mannen doen wat ze willen. Maar mij, en zeker een groot aantal mensen in mijn omgeving, interesseert meer wat de plaatselijke school gaat doen. Want dat heeft een veel groter draagvlak dan die twee mensen die in het huwelijk gaan in die gemeente. We hebben niets tegen die mensen. Maar als op hetzelfde ogenblik een luizenplaag (bij wijze van absurd voorbeeld) de ronde doet in een school, dan is dat een veel groter nieuwsfeit! Alleen al om te weten dat we moeten optreden. Maar dat staat er wel niet in.

Je krijgt een groter een paparazzigehalte.
Ja, maar dan moet je ook weten dat Vlaanderen geen paparazzi publiek heeft. Vlamingen zijn vrij nuchtere mensen. Met een zeker toontje bij op het ludieke af.

Ofwel kan je wijzen op de ethiek van die journalisten of van de media in het algemeen, maar dat is blijkbaar een utopie. Het reguleert zichzelf niet. En dan ga je naar toestanden zoals bij de Amerikanen, wat ik niet goed vind.

Het verbaast u misschien, maar ik ben niet voor alles wat Amerikaans is, ook al haal ik veel voorbeelden uit Amerika aan. Ik ben bijvoorbeeld absoluut geen voorstander van het Amerikaans rechtssysteem en ook niet van de sociale zekerheid van Amerika. Ik ben veel meer voor een staat die op bepaalde sectoren wel degelijk tussenkomt en een regulerende rol speelt. Je moet niet volledig verdwijnen in het Amerikaans systeem.

Men moet beseffen dat de media een reŽle macht hebben.
Het is eigenlijk niet zo democratisch als een politicus werkt. Een politicus moet binnen een parlement verantwoording afleggen terwijl een journalist geen enkele negatieve sanctie krijgt. Als er iets mis gaat, hebben ze zo weinig verantwoordelijkheidsgevoel. Het is alleen wat hij intellectueel denkt en niet denkt. Als er iets mis is, dan is het mis. Heb ik iemand verkeerd de grond in geschreven, ja dan is dat zo. Er is geen enkele sanctie.

Dat wordt tegenwoordig wel omgebogen hoor. Elchardus heeft er een term voor: dramaturgische democratie. Dat staat ook in uw boek.
Hij zegt dat de handige politicus er met drama op kan inspelen, dan zijn ze ook populair. Diegene die dat niet zo goed kunnen, staan dan aan de zijkant. Zij zijn niet mee.
Ik hoorde onlangs zeggen dat Yves Leterme een goed politicus zou geweest zijn in de jaren '70 en '80 maar nu niet meer. Men zegt dat het een beetje veranderd is.

Hebt u veel contact gehad met politici?
Ja. Er zijn er toch heel wat die me gebeld hebben en zelfs een brief geschreven. Er zijn er veel die met deze materie begaan zijn. Zij wijzen echter wel op het feit dat hun politieke bestel toch iets anders is dan een ondernemingsbestel. Daar kan ik best inkomen. Het is een andere werkomgeving. Ze zeggen wel dat ze vooruit willen, maar volgens hen is de bestaande wetgeving, de echte manoeuvreerruimte niet zo groot. Het lange termijn denken is niet evident om binnen een politiek bestel - en zeker binnen een ambtstermijn - in te bouwen.

Het is waarschijnlijk moeilijk om een evenwichtige visie uit te bouwen die toekomstgericht is. U schrijft dat de maatschappij evolueert en dat je tienduizend jaar geleden de landbouw had, 150 jaar geleden de IndustriŽle Revolutie en twintig jaar geleden de kenniseconomie.
Alles gaat nu nog veel sneller, maar we moeten er geen vrees voor hebben. Integendeel. Ik ben ook geen debatglobalist. Bekijk toch eens de sterkte van de wereld die op ons afkomt. Er zijn inderdaad problemen die we moeten oplossen met billijke en eerlijke maatregelen door in dialoog met elkaar te gaan.
Ook wij doen als ondernemers aan ontwikkelingssamenwerking. We steunen koffieboeren in Guatemala. Zij stellen allemaal dezelfde vragen. "Laat ons alstublieft ondernemen, eigenwaarde creŽren, een bestaansreden hebben dat wij ook iets kunnen." Dan zijn ze fier en gelukkig. Zij vragen geen bevorderende maatregelen. Wij betuttelen te vaak mensen. De wereld is niet zwart-wit, maar grijs!





Eťn van uw verrassende standpunten zijn die over migranten en migratie. Je wil de migrant beoordelen op zijn toegevoegde waarde voor de maatschappij, of beter: om hem te beoordelen op zijn mogelijkheden om in te burgeren. En om hen ter plekke, in hun land van herkomst, te gaan helpen.
Hoe moeilijk is het dan niet voor een vluchteling om geÔntegreerd te geraken? Stel dat hij de taal niet kent en bovendien analfabeet is. Doen we er wel goed aan om hem hier te houden? Hem zogezegd een pseudo-toekomst voor te houden? Zijn we dan niet veel beter af wanneer we die mensen in de juiste biotoop plaatsen waar ze die drempelstap wel kunnen maken en waar ze misschien wel gelukkig kunnen worden en hun kinderen een betere toekomst kunnen geven? Het is beter in hun thuisland projecten op te zetten en die mensen er te laten integreren. Ik denk zelfs dat het inzake menswaardigheid een betere oplossing is dan dat je ze hier houdt .

Langs de andere kant zorgen we ervoor dat we de beste brains in ons land houden om welvaart te genereren en het sociaal systeem in stand te houden. Je moet openstaan ongeacht ras, leeftijd, Ö om die mensen aan te trekken en te zeggen dat het hier goed is om te gedijen. Ze kunnen hier bijvoorbeeld onderzoek komen verrichten. We moeten een open politiek voeren naar migranten toe om zo kwalitatieve werkkrachten binnen te halen. Want het zijn niet alleen de mensen met brains die bij ons welkom zouden moeten zijn, maar alle mensen die hier een toegevoegde waarde kunnen hebben. Zij zijn een verrijking voor onze maatschappij.

Op lange termijn zal de migratie ook goed zijn voor het land van herkomst. Zij zullen ook iets terugdoen voor hun land. Stel dat je een ArmeniŽr naar BelgiŽ haalt en je kan hem hier onderzoek laten verrichten dat hij in zijn land niet kan omdat er geen labo's of medewerkers ter beschikking staan. Hij zal zijn welvaart ook voor een deeltje teruggeven aan zijn land. Hij gaat bijvoorbeeld goede werken steunen,...

Hoeveel IndiŽrs hebben wetenschappelijk onderzoek in de Verenigde Staten verricht omdat in IndiŽ de mogelijkheden nauwelijks bestaan? Ze zijn naar de VS gegaan omwille van de kansen die de VS hen bood, maar ze zijn hun land niet vergeten. IndiŽrs geven heel veel terug. Amerika heeft ze met open armen ontvangen, heeft van de welvaart een deel van de koek genomen en een deel is terug naar IndiŽ gegaan.

Mijn hele gedachtegang is opgezet vanuit de eigenwaarde van die mensen. Daarom kom ik tot die redenering dat je moet openstaan en tolerant zijn tegenover migranten, maar je moet hen ook durven zeggen dat er ook iets tegenover staat. Ik vind het misplaatste menslievendheid om mensen die hier eigenlijk niets kunnen beginnen toch te willen hier houden.

Door duizend euro in AlbaniŽ te besteden bereik je veel meer dan dan dat je duizend euro hier besteed om dergelijke migranten kunstmatig hier te houden.

U pleit ervoor om de lage geboortecijfers op te vangen door buitenlanders te laten immigreren.
In de VS doen ze dat. Ze voeren een bewuste politiek om buitenlanders aan te trekken. Zo is de VS groot geworden!
Ze halen niet enkel kennis binnen, eigenlijk zijn ze vrij tolerant. Ze zeggen dat je hier je kans kan wagen en velen proberen het.

Zijn er zo ook niet velen die in de goot belanden?
Ja, dat is vaak het beeld dat wij te zien krijgen van Amerika. Maar het is helemaal niet zo. 98% van de Amerikanen heeft zelfs een hogere levensstandaard dan de onze. De slumps worden ook vaak door de media in beeld gebracht. Ik ben voor zaken in totaal ongeveer twee tot drie jaar in Amerika geweest. Het is volgens mij een harde maar zeer rechtvaardige maatschappij!

Op sociale zekerheid is ze echter minder corrigerend. Als je morgen een hersentumor krijgt, moet je een privť verzekering hebben en dan ben je gered. Heb je dat niet dan heb je pech. Het is daar allemaal een beetje te zwart-wit. Daar wordt het geluk en ongeluk op ťťn hoop gegooid. Langs de andere kant moet je daar geen maanden op een uitkering teren. Ze zeggen dat je twee handen en een hoofd hebt om er iets mee te doen.

Het model waar u voor pleit - beoordelen van mensen op hun kennis/kunde - is eigenlijk een Australisch model!
Ja.
De maatschappij heeft ook nog andere noden. We kunnen ook andere mensen laten immigreren. Wij hebben ook nood aan een labour-force.

Stel u even voor, moeder van twee kinderen en uit gaan werken. De moeder heeft om zeven uur gedaan met werken, gaat nog vlug even langs de GB om inkopen te doen, maakt eten klaar, stopt om acht uur de kinderen in bed en daarna tokkelt ze nog even vlug wat op de PC. 's Morgens om zeven uur weer uit de veren, kinderen wassen, boterhammen klaarmaken en vlug naar school voeren. Die mensen kunnen meer structuur brengen in hun leven.

Door een Poolse kuisvrouw in dienst te nemen?
Ja! Vandaag verkeren die mensen in de illegaliteit en ze kunnen nochtans een grote bijdrage leveren aan onze economie. Zorg dat die mensen hier geld verdienen een status verkrijgen want ze leveren hier verdienstelijk werk. En we hebben nood aan zo'n mensen, vanwaar ze dan ook mogen komen.

Ik ben onlangs naar Florida geweest en zat daar in een cafetaria en ik kon mijn ogen niet geloven. Ik dacht dat ik in ťťn of andere film zat, overal waren het zeventig- en tachtigjarigen die mij bedienden. Zo zijn ze onder de mensen en zorgen ze ook nog voor een deel van hun eigen onderhoudsgeld of puur als extraatje. En ze doen het met plezier!

Zo ging ik nadien naar een conventie. Bij ons staan er dan 20-jarige meisjes ons op te wachten maar daar gaat het anders in zijn werk. Een vrouw van tachtig en een ouwe knar van 75 staan daar piekfijn uitgedost om ons te ontvangen. Daar wordt de hele maatschappij betrokken.

"Dat zullen we eens moeten aanpakken in een debat dat langer duurt dan een uitzending van Ter Zake. De complexiteit van onze maatschappij is niet langer te vervatten in oneliners."

Het zorgt natuurlijk ook voor een hogere tewerkstellingsgraad.
Ja, inderdaad, iedereen is bezig. Ik kan zeggen dat die mensen zich dan ook gelukkiger voelen als ze kunnen beseffen dat ze nog niet afgeschreven zijn in de maatschappij. Dat toont aan dat we in onze maatschappij toch iets flexibeler zullen moeten omgaan met het werken. We zullen allemaal wat langer moeten gaan werken. De interpretatie van wat werken is zal ook wel door de jaren heen veranderen.

We gaan er nu te veel van uit dat we moeten doen waar we voor gestudeerd hebben toen we 18 jaar oud waren. We kunnen dergelijke patronen moeilijk doorbreken en zien het vaak als onmogelijk een drastische wijziging door te voeren op professioneel vlak. We moeten dus in alle opzichten flexibeler worden. Iets niet als een gevaar zien maar als een uitdaging waarvan we beter kunnen worden. Vertrouwen hebben.

Ga je dan niet iets te ver, want onrechtstreeks impliceert dit een verandering van het juridisch bestel in BelgiŽ.
Ja, natuurlijk mag je daarin niet te ver gaan. Er moet steeds een wettelijk vastgelegde basis blijven bestaan om je toch een zeker houvast te bieden. Het geeft een frame aan en de verschillen worden daaraan getoetst of niet. We mogen niet in een Amerikaans systeem terechtkomen waarbij we geen frame meer hebben en je gewoon casuÔstiek krijgt.

Ik denk dat het gerecht vaak met zoveel regels zit dat ze zelf nooit gewild heeft. Het moet steeds die regels afdwingen. Ik denk ook dat we overleg naar hun toe moeten plegen om te zien of het wel houdbaar is.

Ik denk dat we naar een slimmere maatschappij evolueren als je ziet hoe een kind nu reeds denkt, dat die kleine mannen nu al zo veel meer weten dan wij op die leeftijd. Ze hebben heel wat verstand om problemen op een goede manier op te lossen. Dat zullen we eens moeten aanpakken in een debat dat langer duurt dan een uitzending van Ter Zake. De complexiteit van onze maatschappij is niet langer te vervatten in oneliners.

"Zo kunnen we bijvoorbeeld een werkloosheidsuitkering invoeren voor mislukte ondernemers. Het bestaat wel voor mislukte werknemers, waarom dan niet voor mislukte ondernemers?"

Je hebt ook geschreven dat de werkgevers organisaties teveel gestoeld zijn op ambtenarij. Waarbij het rechtstreekse contact van de ondernemer zelf met de overheid verloren gaat. Hebt u nooit met het idee gespeeld om een lobbygroep op te richten?
Ten eerste ben ik er niet de persoon naar om aan te dringen op een verdere versnippering. Ik zou liever binnen een bestaand gegeven het debat aangaan. Ik ben bestuurder van de Kamer van Koophandel. Ik zit dus wel degelijk in zo'n organisatie.

Toen ik begon als ondernemer had ik het NCMV (nu UNIZO) waar ik terecht kon, als was het maar voor een hoop paperassen die je moest invullen. Op elk vlak heb je wel een organisatie die een rol speelt. Zo heb je UNIZO, Kamer van Koophandel, VEV, VBO, Agoria, Fedicem, VKW,Ö Door de gigantische versnippering weet een beginnende ondernemer niet meer waar hij terecht kan. Je hebt ontelbare mogelijkheden gebaseerd op verschillende overlappende vlakken. Het is zeer moeilijk geworden om een adequate keuze te maken. En dit voor de dragers van rationalisme bij uitstek: de ondernemers. De werkgeversorganisaties worden instituten zonder democratische basis. Deze instituten worden bevolkt door ambtenaren.

De ondernemers moeten zich groeperen. Een ondernemer heeft een eerbaar beroep en dit beroep moet niet naast de bandiet op de maatschappelijke ladder staan. Momenteel is er een overaanbod aan organisaties. Men zou een onderscheid moeten maken tussen primaire en secundaire ondernemers.

Een beetje verstikkend voor een economie dus?
Je moet terug proberen primaire ondernemers te vinden; gasten die recht van school komen moeten geld vinden om hun ideeŽn waar te maken. Banken zouden hen geld moeten lenen zodat ze een nieuw bedrijf durven opstarten. Daarom is het zeer belangrijk dat je op school mensen al bijbrengt dat ze ondernemer kunnen worden. Ze moeten erin geloven dat ze het kunnen, dat ze wel hun eigen ideeŽn kunnen waarmaken en wij moeten ze daarin steunen. Het is aan ons om te zeggen: 'Goed, ga ervoor je zult slagen!'

Het is beter om zoiets te doen als de maatschappij welvaart kent, dan als dat niet het geval is?
Ja dat klopt, maar het is ook belangrijk dat mensen de goede leeftijd daarvoor hebben, ze moeten er op dat moment van overtuigd zijn dat ze de wereld aankunnen.

Dus het is iets waar je nu in investeert en waar je een generatie later van zult profiteren?
We moeten profiteren van het feit dat er mensen zijn die op een jonge leeftijd voelen dat ze de wereld kunnen veroveren. Wij moeten ze daarin steunen en een duwtje in de rug geven. Ik herhaal dat het belangrijk is dat we dat al meegeven in het onderwijs. Op die manier zullen jonge mensen denken dat ze hun idee kunnen uitwerken, dat de bank hen geld zal geven en de bank mag kritisch zijn en de juiste vragen stellen... ze moeten er ook voor zorgen dat ze sociaal gedragen worden.

Zo kunnen we bijvoorbeeld een werkloosheidsuitkering invoeren voor mislukte ondernemers. Het bestaat wel voor mislukte werknemers, waarom dan niet voor mislukte ondernemers?

"De werkgeversorganisaties zijn nog zeer traditioneel opgedeeld, vooral gericht op sociaal overleg maar eigenlijk strookt dat niet meer met de huidige manier van denken en werken."

In uw boek haalt u aan dat de klassieke tegenstelling tussen arbeid /kapitaal vervangen wordt door een nieuwe tegenstelling werken/niet-werkenden. Vakbonden worden meer en meer de vertegenwoordigers van mensen die niet werken. En misschien moeten werkgeversorganisaties de vertegenwoordigers worden van de werkende klasse?
Ik heb dat erbij gevoegd omdat ik vind dat beide kanten niets doen aan het sociaal systeem. Dat betekent als we vasthouden aan de veertig-uren-week, de pensioengerechtigde leeftijd van vijfenzestig en niet flexibel willen zijn, het niet meer dan normaal is dat we dan een situatie krijgen waarin dertig procent werkt en zeventig procent niet werkt. Op dit moment is de verhouding vijfenveertig-vijfenvijftig. We gaan dus stilletjes aan naar dramatische omstandigheden.

Ook is het zo dat het klassieke model van werkgevers en werknemers vervalt. Door onze kennisgedreven industrie is het dikwijls zo dat de werknemers dezelfde standpunten hebben als de werkgevers. Het model van werkgevers en werknemers bestaat niet in onze kennisgedreven business. Ze moeten zelf ideeŽn uitwerken, klantgericht en flexibel zijn. Het is zelfs zo dat in mijn bedrijf de werknemers soms flexibeler denken en werken dan eigenlijk zou mogen.

Is het zo dat waar een vakbond vroeger een grote slagkracht had, zijnde in de klassieke productieve industrieŽn, ze dat nu minder heeft in de kennisgedreven industrie?
Dat klopt, maar toch is het zo dat daar een grote toekomst in zit. De vakbonden zijn nu volop bezig met niet-werkenden naar zich toe te trekken, zoals bejaarden, om toch een grote organisatie te blijven die een grote groep vertegenwoordigt. Ik vermoed dan ook dat die groep op middellange termijn vooral zal bestaan uit niet-werkenden en dat zal naar mijn inziens tot problemen leiden. De klassieke tegenstellingen zullen verdwijnen en plaats maken voor nieuwe, tussen de niet- en wel werkenden. De werkenden zullen allemaal hetzelfde standpunt verdedigen, zijnde het idee dat ze hard werken voor de grote groep niet-werkenden.

Als blijk van respect zouden werkenden bijvoorbeeld voorrang moeten kunnen krijgen in ons drukke verkeer maar zoiets is politiek bijna onverkoopbaar, zeker als je weet dat de meerderheid van de bevolking niet werkt. Je moet al iemand zijn met een visie op lange termijn en de durf hebben om te zeggen: 'De een werkt voor de ander, die solidariteit moet van beide kanten komen!'

De werkgeversorganisaties zijn nog zeer traditioneel opgedeeld, vooral gericht op sociaal overleg maar eigenlijk strookt dat niet meer met de huidige manier van denken en werken.

Je brengt in je boek een paar concrete initiatieven naar voren. Ik ga ze even opsommen. Het eerste daarvan is het aanleren van ondernemerschap in de school.
Ja!

Het tweede is het vrij laten werken van gepensioneerden.
Absoluut! Laat ze zelf hun diensten aanbieden zoals ze dat zelf willen. Ik denk ook dat ze dat sowieso zullen moeten doen over een vijftiental jaar.

Is de evolutie niet al bezig? Ze hebben nu immers al de vrijheid om beperkt te werken...
Het is inderdaad zeer beperkt: je mag slechts 150.000 BEF bruto verdienen per jaar, wat helemaal niet veel is. Beter is om die mensen te laten werken, met verdere uitbetaling van pensioen, om zo de economie te stimuleren.

"We moeten de ondernemer niet bejubelen en op een piŽdestal zetten, maar het ondernemerschap als een normaal beroep behandelen. Dat is al goed genoeg!"

Een derde initiatief handelt over 'migratie van kennis'. Probeer enkel mensen binnen te halen met een gepaste kennis of kunnen.
Ja.

Dan heb je nog de werklozen...
We hebben veel structurele werklozen, en daarover moet een open debat worden aangegaan. Zo dacht ik aan het volgende idee: we laten een werkloze een jaar werken binnen een bedrijf, maar hij wordt nog betaald door de overheid. De onderneming heeft zo het eerste jaar geen financiŽle last van die extra werknemer. Wel is het zo dat de onderneming een opleiding moet verschaffen. Een jaar verder is die werknemer niet meer structureel werkloos, en heeft hij zelfs een vak geleerd.

Dreigt er geen gevaar voor 'positieve discriminatie'? Je geeft het voordeel aan een bepaalde werknemer, daar waar aan de bestaande werknemer eventueel tekort geschoten wordt.
Wel kijk, als er een groot onevenwicht bestaat tussen vraag en aanbod van een bepaald soort beroepen, dan vind ik dat je als overheid dat probleem moet durven aanpakken. Politici zullen keuzes moeten maken en zullen ook kritiek te verwerken krijgen maar ik vind toch dat het beter is om het te doen dan niet te doen. Als je een structureel gat wilt dichten moet je keuzes maken. Ik ben ervan overtuigd dat een bedrijf dat een jaar investeert niet zomaar de werknemer op straat gaat zetten, zeker niet wanneer het in die sectoren is waar er veel krachten te kort zijn.

Een veel gehoorde kritiek vanuit de 'werkende klasse' is dat er een sanctionerend systeem zou moeten komen voor de 'luie werkloze', die niet meer wil werken. De uitkering zou voor die mensen moeten geschrapt worden.
Dat is het Amerikaanse systeem: je kunt daar voor een beperkt aantal maanden werkloos zijn maar dan moet je je wel sociaal engageren aangezien je er niet langer terecht kunt voor een uitkering. Je wordt na een tijd - en daar hebben sommige Europeanen het moeilijk mee - dus voor je eigen verantwoordelijkheid geplaatst.
Wel is het zo dat je een systeem moet hebben waar je je sociale wantoestanden kunt zuiveren. Als iemand door zijn fysieke toestand, bijvoorbeeld een verlamming, niet meer kan werken moet die worden opgevangen door een sociaal vangnet. Ik wil dus een systeem waar je meer opvang hebt dan in Amerika.

Men heeft nochtans de laatste jaren een groot aantal initiatieven genomen op het gebied van de opleidingen. Vooral bij de VDAB. De laatste jaren heb je ook een initiatief van de Vlaamse Overheid met opleidingscheques waar de helft van de opleiding wordt betaald door het bedrijf en de andere helft door de staat.
Dat is goed, maar ik vind dat het nog verder moet gaan.

De tweede stap die ze nu hebben gezet is door te zeggen dat tot hiertoe een werknemer initiatief kan nemen, met zijn werkgever overeenkomen om die opleiding te gaan doen. Maar nu is het volgens mij zelfs zo dat elk individu volledig op eigen initiatief dergelijke cheques kan kopen en een opleiding volgen.
Ja, maar dan moet je natuurlijk wel weten dat je het binnen dat bedrijf verkocht moet krijgen. Ik vind dat allemaal goede ideeŽn, maar dat is voor bestaande werkgevers om je continu bij te scholen. Een bedrijf dat zichzelf respecteert en een goede werkgever heeft, laat de werknemers bijscholen. Het is niet meer van deze tijd dat je geen opleiding mag genieten. Het bedrijf dat dit niet inziet, is kortzichtig bezig.

Dus: het ledigt volgens u een nood, maar niet de grootste nood omdat de grootste zich situeert daar waar de werkgever een nieuwe werknemer moet aanwerven in die typische sectoren. Dat is eigenlijk het probleem.
Voor mij is ťťn van de belangrijkste punten waar de staat aandacht aan moet besteden opleiding. School! Ik denk dat wij van onze sterkte gebruik moeten maken om nog sterker te worden.

Dus niet door bij te scholen maar in het middelbaar te gaan kijken.
Ja en enten op de arbeidsmarkt. En dat beiden niet vies van elkaar moeten zijn. Dat er een veel grotere interactie moet komen tussen universiteiten, technische scholen, en beroepsonderwijs, Ö om de noden van de maatschappij op te vangen. De ťťn mag niet vies zijn van de ander.
De universiteiten horen dat niet graag, omdat dat te pragmatisch onderwijs is. Zij zijn theoretici. Maar je maakt toch mensen die achteraf in de maatschappij moeten tewerkgesteld worden! Dus het is toch geen oneer! Ik wist bijvoorbeeld na vijf jaar rechtenstudies niet hoe een rechtbank eruit zag. Ik was er nog nooit geweest! Omdat ik niet zo'n ijverige student was die dat zelf opzocht, maar ik werd daartoe ook niet verplicht, hť. Men zei niet tegen mij: "en jij gaat naar de rechtbank". Als men dan zei: " het is naar de rol verwezen", dan zei ik "wat is dat?"

Ondernemerschap wordt gebrandmerkt. Dat komt dan eigenlijk in die scholen ook weer terug?
De ondernemer is in de ogen van de meeste mensen diegene die bij voorbaat heeft geknoeid, de oorzaak is van de vervuiling, Ö Daar word je op den duur zo moedeloos van! Daarom heb ik ook dit boek geschreven. Het is misschien een hele kleine druppel maar ik probeer daar gewoon een kentering te brengen. Ik vind dat we een positief beeld moeten hebben en dat we - en dat is mijn persoonlijke visie - onze welvaart een beetje onder druk aan het zetten zijn. We moeten het niet in een positiever, maar in een normaal daglicht plaatsen.

We moeten de ondernemer niet bejubelen en op een piŽdestal zetten, maar het ondernemerschap als een normaal beroep behandelen. Dat is al goed genoeg!

Een faillissement is ook een analyse die bij die opsomming hoort hť. Het feit dat het geen schande is voor de gefailleerde. De maatschappij moet zich daar anders tegenover opstellen.
Het kan zijn dat je pech hebt. Het is als een werknemer bij een firma gaat werken en negen maanden later vaststelt dat het zijn ding niet is. Hij gaat dan weg en vindt hopelijk ander werk. Maar als werknemer ben je dan niet gefailleerd of de mislukkeling! Als ondernemer bekijkt men je wťl zo.

Het is de maatschappij die dat eigenlijk bijna bestraft.
Ja, stel je een jonge man voor die bakker wordt en na twee jaar moet vaststellen dat hij beter zou stoppen.. De mensen zeggen dan dat het wel een slechte bakker moet zijn geweest. Dan zeg je alť mensen, weet je wat hij daar voor moet doen? Hij moet opstaan terwijl jullie slapen. Hij heeft zijn zaak moeten sluiten omdat hij geen personeel vond. Die jongen draaide alles zelf. Hij werkte tot 12 uur 's middags, bediende zijn winkel, zijn vrouw nam dan over en hij is gewoon gekraakt. Hij kon het fysiek niet meer aan. Hij moest opstaan om 2 uur en werkte tot 14 uur aan ťťn stuk door. Hij zei dat hij er niet geraakte. Nochtans was alles wat hij maakte perfect. Hij kon het niet bolwerken en hield niets over.

"Ik denk dat er in de politiek eens een generatie moet komen die zijn ego opoffert voor de maatschappij. Iemand die zijn eigen carriŤre aan de kant durft te schuiven en durft op te komen voor onverhoopte doelen"

Krijg je dan ook niet te maken met het probleem dat dergelijke sectoren ook afhankelijk zijn van de schaalvergroting. Het feit dat je een fabrieksbakkerij krijgt op den duur. Dat die kleine bakker nog weinig kan overhouden in die markt?
Ja, maar dat is het harde van de economische realiteit. Ik denk dat je als ondernemer inventief moet zijn. Ik ben van mening dat er voor kwaliteitsbakker absoluut een markt is. Als je met die jongen praat, zegt hij dat zijn klanten zelfs bereid zijn om 10 frank per brood meer te betalen dan het brood van de supermarkt. Maar dat mag niet. Hij kon geen goedkoop personeel aantrekken. Moest hij nu bejaarden kunnen aannemen, zoals in Amerika dan was zijn probleem opgelost! Maar nee, hij moet zijn werknemers inschrijvenÖ Je moet hen 600 frank bruto betalen en zij houden zelf slechts 175 frank over Ö en, dan probeer je alles zelf te doen en Ö breek je.

Eťn van de problemen van deze maatschappij is dat de loondruk voor de werkgever erg hoog ligt.
Daarom dat ik zeg dat je op wat de bejaarden verdienen geen sociale lasten moet heffen.

Is dat dan niet oneerlijk?
Ja,... Je moet dat misschien in een bepaalde periode doen als je probleem acuut is. Daarna kan je overschakelen naar een ander systeem waar je naar een globale verdeling gaan. Dat is een politieke kwestie en dan moet je technisch ook eens berekenen of het haalbaar is. Ik weet dat niet, daar ga ik me niet over uitspreken, maar het aantal mensen weer een beetje van straat halen en terug in het arbeidsproces inschakelen. Dan kan je die bakker helpen en kan je twee mensen aannemen die in het weekend in de bakkerij staan. En dan werken er drie in plaats van niemand...

Ik blijf het herhalen. Mensen die blijven werken hebben ook minder nood aan een goede gezondheidszorg. Hoeveel mensen worden niet ziek na hun pensioen? (onderzoek bestaat ) Dit was ťťn van de dingen die ik wel eens wou nagaan of er wel al eens studies over gebeurd waren. Of er door actief te blijven al dan niets iets met je lichaam gebeurd. Ik vraag me dat af. Want mensen die ik ken blijven goed zolang ze bezig zijn.

"Het is jammer dat voor de Olympische Spelen de regering een 16-jarenplan durft uit te werken, maar voor de werkeloosheid dan weer niet. Want tegen die Olympisch Spelen hebben we misschien de 30-70 verhouding van werkenden en niet-werkenden bereikt."

Ik denk dat er in de politiek eens een generatie moet komen die zijn ego opoffert voor de maatschappij. Iemand die zijn eigen carriŤre aan de kant durft te schuiven en durft op te komen voor onverhoopte doelen. Het wordt dringend tijd dat een generatie zich durft weg te cijferen voor het hogere doel en wel de boodschap durft te brengen. Soms is het plezierig, soms ook weer niet.

Het is niet fijn om tegen iemand te zeggen dat hij na een jaar zijn uitkering niet meer zal ontvangen als je niet zal geÔntegreerd zijn in een opleiding of in een proces. Iemand zal het eens moeten zeggen maar het probleem is dat je jezelf dan niet populair maakt. Je moet eens zeggen waar het om draait. Vandaag wordt alles gewikt en gewogen, is het populair genoeg, is het mediageniek genoeg, is het stuntgevoelig genoeg,...

Het is goed hoor dat Bart Somers ons land voordraagt om de Olympische Spelen te organiseren, maar Ö Het is jammer dat voor de Olympische Spelen de regering een 16-jarenplan durft uit te werken maar voor de werkeloosheid dan weer niet. Want tegen die Olympisch Spelen hebben we misschien de 30-70 verhouding van werkenden en niet-werkenden bereik.

Ik denk dat er nog veel mogelijkheden zijn om te ondernemen in dit land. Mijn boek is bedoeld als een positieve noot om hieraan bij te dragen. Ik heb alvast enkele goede reacties gekregen uit de hoek van werkgeversorganisaties. Ook hebben een aantal politici mij opgebeld. Ik hoop dat het nu wat weerklank komt vanuit de maatschappij!

MEER INFO:
Het boek "Zeg niet aan mijn moeder dat ik ondernemer ben... Ze denkt dat ik op zoek ben naar een job" werd uitgegeven bij uitgeverij Level Two - Van Halewyck.
ISBN 90 7751 901 7

Voor een beschouwing van het boek kan u terecht op de website van Liberales

U kan het boek ook aanschaffen via Proxis.

WEDSTRIJD:
Politics.be schenkt een exemplaar van "Zeg niet aan mijn moeder dat ik ondernemer ben... Ze denkt dat ik op zoek ben naar een job" weg aan de eerste 5 personen die het correcte antwoord op onderstaande vraag doormailen naar polizine@politics.be.

Wedstrijdvraag: Wat is de naam van het bedrijf waarvan Bart Verhaeghe CEO is?

WIE WERKTE MEE AAN DIT INTERVIEW?
Interview: Maarten Malaise
Redactie: Ruth Plasmans, Brenda Lioris, Maarten Lucas, PieterJan Viaene, Kristof De Backer, Sarah Linten.
Eindredactie: Ruth Plasmans, Maarten Malaise, Ann De Kelver
Foto's: Maarten Malaise
Publicatie & layout: Frederik Misplon

ZoekenMeer info

Het Weer

Recensies

Nieuws

Cartoons