Tekst vergroten Tekst verkleinen

Advertentie

Dossier: Hot spots

Met begin september reeds een tachtigtal gedode journalisten geteld, dreigt 2004 een droevig recordjaar te worden voor de persvrijheid in grote delen van de wereld. Belangrijkste Ďhot spotí is vanzelfsprekend Irak, waar sinds het begin van de oorlog intussen meer dan vijftig verslaggevers zijn geveld. Of straks ook de in augustus ontvoerde Franse reporters Christian Chesnot en Georges Malbrunot aan die lijst moeten worden toegevoegd, is een vraag die de hele wereld in de ban houdt. De Irakoorlog dreigt te doen vergeten dat het ook in andere gebieden op de wereldbol een hete zomer is geweest, met geweldplegingen, intimidaties en andere censuuringrepen tegen journalisten. Naar IndonesiŽ, de Filippijnen, Nepal en IsraŽl bij voorbeeld ga je momenteel best niet om eens rustig uit te waaien. En ook in Rusland of de Kaukasus reken je maar beter niet op een gezellig onthaal. In dit Dossier een overzicht van de recente situatie per risicoland. En verder een globale analyse van Sarah de Jong, als INSI-stafmedewerkster een meer dan bevoorrecht waarneemster.

Afghanistan.
Ook al is Afghanistan de laatste tijd enigszins uit het nieuws verdwenen, de regio is nog steeds zeer onveilig voor journalisten. Vooral met het oog op de nakende verkiezingen worden er problemen verwacht. Enkel in Kabul is het min of meer veilig, in alle regioís daarbuiten kan je het slachtoffer worden van overvallen en aanslagen. Het gaat hier ook om een extreem Islamitisch land waarbij vooral Westerse vrouwelijke journalistes dikwijls het slachtoffer zijn van seksueel onaangepast gedrag.

Bangladesh.
Op 13 juli jl. vonden 22 journalisten doodsbedreigingen in hun brievenbus en op 22 augustus werd Kamal Hossain, correspondent voor Ajker Kagoj gedood, hij schreef vooral over de plaatselijke criminaliteit.

BraziliŽ.
Op 11 juli werd de eigenaar van het radiostation Criativa FM vermoord vlakbij zijn huis. Hij had al twee eerdere aanslagen overleefd en had verschillende doodsbedreigingen ontvangen. Hij was gekend voor zijn kritiek op lokale politici en zakenlui. Desondanks is BraziliŽ van deze lijst een van de minst gevaarlijke landen voor journalisten.

Cambodja.
Het grensgebied tussen Cambodja, Thailand en ViŽtnam is allesbehalve een aanrader voor journalisten, de veiligheid kan er niet gewaarborgd worden.

Colombia.
Is op dit ogenblik ťťn van de meest gevaarlijke regioís ter wereld. Gewelddadige acties van de verschillende groeperingen zijn er schering en inslag. Rond de grote steden komen soms willekeurige bombardementen voor en ontvoering voor losgeld is geen zeldzaamheid. Daar worden journalisten niet van gespaard.

DR Congo.
De oorlog woedt hier nog steeds en ook landmijnen vormen een serieuze dreiging. Af en toe flakkeren er conflicten op met journalisten, waarna het terug wat kalmer wordt. Vooral de grensstreek tussen Congo, Rwanda en Burundi is zeer riskant.

Eritrea.
Op 9 september jl. werd de laatste buitenlandse correspondent weggestuurd. De eigen onafhankelijke pers werd reeds drie jaar geleden gebannen en 17 journalisten worden nog steeds gevangen gehouden. Al drie jaar op rij geldt Eritrea als ťťn van de tien slechtste plaatsen om journalist te zijn. Omdat er geen persvrijheid meer is, is er overigens geen absolute duidelijkheid over de toestand in dit Oost-Afrikaanse land.

Filippijnen.
Een zeer onveilige regio, vooral voor Filippijnse journalisten. Tijdens de voorbije zomer werden op korte tijd 5 journalisten gedood. Niemand werd hiervoor gearresteerd, maar de regering besliste wel dat de reporters voortaan gewapend mogen rondlopen en politiebegeleiding kunnen vragen. INSI meent dat deze maatregel juist levensgevaarlijk is en een slecht voorbeeld vormt voor andere landen. De Filippijnse overheid ontkent wel dat het land voor journalisten zo gevaarlijk zou zijn, maar geeft met deze maatregel toch duidelijk toe dat de veiligheid van de journalisten niet langer gewaarborgd kan worden.

Guatemala.
Op 1 september werd een groep journalisten aangevallen door de nationale politie omdat ze probeerden een gewelddadige uitwijzing van boeren te filmen. Niettemin een van de minder gevaarlijke landen uit deze lijst.

HaÔti.
Vooral in de lente vielen hier veel slachtoffers onder journalisten en mediapersoneel, maar ook nu nog is het een roerig gebied. Er zijn ook geen veiligheidszones meer en de criminaliteitsgraad is er erg hoog.

IndiŽ.
Geen noemenswaardige incidenten de laatste maanden maar het blijft er erg gevaarlijk vertoeven als reporter.

IndonesiŽ.
Geldt nog steeds als ťťn van de gevaarlijkste gebieden van het moment. Sommige plaatsen zijn verboden voor journalisten en zoals in de meeste landen uit deze lijst is het opletten voor landmijnen. Internationale journalisten ondervinden echter weinig moeilijkheden.

Irak.
Voorlopig nog steeds veruit de meest gevaarlijke regio voor journalisten. In Irak zijn er ongeveer 1.800 journalisten, ontzettend veel voor zo'n kleine oppervlakte en daar mag je gerust een tweehonderdtal niet-geaccrediteerde verslaggevers bij rekenen. Sinds het begin van de oorlog zijn er, op het moment van dit schrijven, 52 doden gevallen onder journalisten en mediapersoneel. 28 van hen waren Arabisch. Eťn journalist, de Belgisch-Franse cameraman Fred Nerac, is nog steeds vermist. Naast aanslagen komen ook bedreigingen, ontvoeringen en gijzelingen regelmatig voor. Het bekendste voorbeeld is waarschijnlijk de recente ontvoering van de twee Franse journalisten. Zulke gijzelingen zijn echter niet persť gericht tegen journalisten, ook andere vreemdelingen zoals hulpverleners worden geviseerd. Zij gelden als zogenaamde soft targets, die geacht worden ongewapend te zijn en altijd wel ergens aanwezig zijn. De rijke media bewapenen zich daarom of worden beschermd door lijfwachten. Dit brengt het risico mee dat men andere collegaís in gevaar brengt, die zich deze diensten niet kunnen veroorloven. Het valt op dat de gijzelingen steeds meer een internationaalpolitieke dimensie krijgen, want alsmaar vaker worden er eisen gesteld die niet rechtstreeks met het Irakconflict te maken hebben. Veel ontvoerde journalisten zijn mettertijd wel in veiligheid gebracht. De religieuze leiders van ter plekke spelen daarin een erg belangrijke rol. Als Muqtada Al Sadr het kidnappen van journalisten afkeurt geven de sjiieten daar doorgaans gehoor aan; blijft de vraag of ook de suni moslims zich daar veel van aantrekken. Jammer genoeg is er niet ťťn algemeen erkende islamitische leider die kan decreteren dat journalisten met rust moeten worden gelaten.

IsraŽl.
Buitenlandse journalisten krijgen niet altijd toegang tot het land en op 12 augustus jl. werd een team van de BBC gevangen genomen door soldaten. Het zijn vooral de Palestijnse gebieden die erg gevaarlijk blijven. Journalisten passen er zelfcensuur toe uit angst voor repercussies. Reporters die aan de grens met Libanon of de West Bank en Gaza gaan werken moeten bijzonder alert blijven. Een camera kan vooral hier risicosituaties uitlokken. Kinderen bijvoorbeeld reageren zeer snel op de lens en gaan vlugger agressief gedrag vertonen door met keien te gooien, de vraag is of deze situaties al of niet bewust worden uitgeloktÖ

MacedoniŽ.
Blijft een rusteloos gebied. Het geweld in de regio's in en rond BosniŽ en Kosovo kan steeds opnieuw opflakkeren.

Mexico.
Een van de minst gevaarlijke landen uit deze lijst maar op 31 augustus werd een columnist doodgeslagen. Als je rond het thema drugs werkt is de kans op represailles erg groot.

Nepal.
Eveneens een explosieve regio. De maoÔstische dreiging dwingt de meeste journalisten om te vertrekken en twee journalisten werden onlangs vermoord, ťťn van hen wellicht door de veiligheidsdiensten. Het gevaar bedreigt vooral de lokale journalisten; internationale verslaggevers worden normaal gezien niet lastig gevallen.

Pakistan.
In het buurland van Afghanistan is de rust nog niet terug gekeerd en is het er voor journalisten nog erg gevaarlijk werken.

Peru.
Verscheidene journalisten werden aangevallen tijdens een demonstratie van een radicale fractie van de arbeidspartij van de leerkrachten op 6 juli. Het is er lang rustig geweest maar de acties zijn opnieuw meer en meer op journalisten gericht.

Rusland.
In Rusland hebben vooral de eigen journalisten te lijden. Niet alleen wordt de pers er zwaar gecensureerd, journalisten lopen ook gevaar voor eigen leven. Zo werden er in juli twee journalisten gedood: Pavel Khlebnikov en Payl Peloyan. Het recente drama in Beslan bracht het strenge optreden van de regering ten opzichte van de pers nog meer aan het licht. Alles over de Tsjetsjeense problematiek wordt er aan banden gelegd. Verschillende journalisten werden gearresteerd, gevangen genomen, ontslagen of zelfs vergiftigd. Ook in de Kaukasus met landen als GeorgiŽ en Azerbeidzjan is het gevaarlijk vertoeven als reporter.

Soedan.
Dit is een actieve oorlogszone en momenteel ťťn van de gevaarlijkste gebieden om rond te reizen. De overheid laat niemand toe en het leger houdt bij zijn tactieken geen rekening met journalisten.

SomaliŽ.
Blijft onrustig en behoort ook bij de gevaarlijker gebieden uit de lijst.

Sierra Leone.
Blijft een onrustig gebied, gelukkig vielen er de laatste maanden geen slachtoffers te betreuren.

Sri Lanka.
De veiligheid van journalisten in deze regio verslechtert zienderogen. Journalisten worden er onophoudelijkbedreigd, zozeer zelfs dat er nauwelijks nog te vinden zijn. Op 27 juli werd nog een journalist zwaar verwond. De regering doet niets om aan die toestand een einde te maken.

Venezuela.
Een radioreporter en columnist werd doodgeschoten voor zijn huis op 1 september; hij had kritiek geformuleerd op de voortwoekerende drugshandel. Vrouwelijke journalisten worden erg slecht behandeld.

Zimbabwe.
Er vielen de laatste maanden geen slachtoffers maar de situatie blijft er erg onvoorspelbaar.

Zuid Afrika.
Op 9 juli werden journalisten geweerd tijdens een conflict tussen de politie en de inwoners van Diepsloot. Maar als het de politie uitkomt, dan kunnen journalisten wel mee om verslag uit te brengen van hun operatiesÖ

Veel onderrapportering
In verband met de veiligheid van journalisten in risicogebieden, hebben de internationale journalistenverenigingen traditioneel af te rekenen met een ernstig tekort aan rapportering. Over de juiste situatie in Soedan, TsjetsjeniŽ en IndonesiŽ bij voorbeeld is nog altijd veel te weinig gekend. Dat geldt a fortiori voor landen waar ook de eigen journalisten worden bedreigd, zoals de Filippijnen, Nepal, Bangladesh en Colombia. Bolivia bijvoorbeeld schijnt bijzonder gevaarlijk te zijn maar er is zeer weinig over gekend. De plaatselijke pers wordt dikwijls volledig gecontroleerd door de regering, zoals ook in Noord-Korea het geval is. Deze gebieden zijn al zeer riskant voor humanitaire hulpverleners, en dat maakt het nog eens zo gecompliceerd voor de pers. Steeds is daarbij de boodschap: als er geen internationale journalisten aanwezig zijn in het land, wordt ook de verspreiding van informatie belet.

Rik Martens & Marleen Sluydts
Overgenomen uit De Journalist, met toestemming van de uitgever

ZoekenMeer info

Het Weer

Recensies

Nieuws

Cartoons