Tekst vergroten Tekst verkleinen

Advertentie

De Vlaamse Jeugdraad

Klets!, het jongerencongres van de Vlaamse Jeugdraad was voor ons een goede aanleiding om de werking van de Vlaamse Jeugdraad eens onder de loep te nemen. Politics.be was aanwezig op Klets!. In de loop van dit dossier, vindt u enkele verslagen van debatten.


Inhoud:

  • Wie en wat zijn ze?
  • Hoe werkt de Jeugdraad?
  • Organogram
  • Klets! 2004
  • De debatten:
    • Open School
    • Ruim plaats
    • Werk, Werk, werk… voor jongeren en de vergrijzing

Wie en wat zijn ze?
Op elk bestuursniveau in Vlaanderen is er een jeugdadviesorgaan. Het jeugdadviesorgaan van de Vlaamse Gemeenschap is de Vlaamse Jeugdraad. Deze brengt advies uit over alle onderwerpen die de jeugd aangaan. Zelfs de minister bevoegd voor jeugd is verplicht het advies van de Vlaamse Jeugdraad te vragen.
De Vlaamse Jeugdraad mag ook op eigen initiatief advies geven aan de federale overheid en andere instanties.
De Vlaamse Jeugdraad versterkt de stem van jongeren door te streven naar een betere samenleving waar de mening van jongeren actief wordt meegenomen in het beleid.

De Vlaamse Jeugdraad houdt zich hoofdzakelijk bezig met de grote beleidslijnen, adviesvragen en actuele thema's.

Hoe werkt de Jeugdraad?
De Jeugdraad beschikt over drie commissies:

  • De Commissie Jeugdbeleid: deze commissie volgt het jeugdbeleid van de Vlaamse regering, met als leidraad het Jeugdbeleidsplan.
  • De Commissie Internationaal: deze commissie bereidt de adviezen over de internationale thema's voor.
  • De Commissie Jeudwerkbeleid: deze commissie fungeert als ontmoetingsplaats voor jeugdwerkers. Langs deze weg kunnen ook zij hun stem laten horen.

De Vlaamse Jeugdraad heeft ook bepaalde werkgroepen. Dit voor thema's die langer moeten opgevolgd worden of over een zeer technische materie handelen.

Alle vergaderingen van de Vlaamse Jeugdraad zijn open, maar om te stemmen op het congres moet u lid zijn, om te kunnen stemmen op de algemene vergadering moet u verkozen zijn door het congres. Driejaarlijks vindt een statutair congres plaats waar de stemgerechtigde leden van de algemene vergadering verkozen worden.

De algemene vergadering bestaat uit 10 jongeren, 12 personen actief in jeugdwerkorganisaties, 1 jongere actief in de Vlaamse Scholierenkoepel (VS) en 1 jongere actief in de Vereniging van Vlaamse Studenten (VVS).

Ornagogram

Klets! 2004
Op Klets! 2004 werden allerlei debatten gepland over onder andere cultuur, leefmilieu, mobiliteit, ruimte, onderwijs… Tijdens deze debatten werden jongeren en beleidsmakers met elkaar geconfronteerd. Dit in de hoop dat er meer rekening wordt gehouden met de mening van de jongeren.
Naast de debatten waren er nog allerhande randactiviteiten met politici, zoals salongesprekken en een spelletje "waarheid, durven of doen?". Ook was er een infomarkt waar jongerenorganisaties de kans kregen om zich te profileren.

De debatten
Als rode draad door de debatten werd gebruik gemaakt van een "memorandum". In dit memorandum zijn de bevindingen van jongerenbevragingen opgenomen en deze dient als eisenbundel tot de beleidsmensen gericht. Politics.be was aanwezig tijdens enkele debatten. Hier de korte verslagen...

Open School
Jongeren kregen de kans om Marleen Vanderpoorten - minister van onderwijs , Dirk Van Damme - afgevaardigd bestuurder van het Gemeenschapsonderwijs - en Mieke Van Hecke - Vlaams Parlementslid en toekomstig directeur-generaal van het VSKO) op de rooster te leggen over de participatie en sociale ongelijkheid in het onderwijs.

"Sociale ongelijkheid in het onderwijs is niet te omzeilen. Niet iedereen heeft dezelfde kansen op school. Dit begint soms al vanaf de eerste kleuterklas.
Het onderwijssysteem werkt deze ongelijkheid ook zelf in de hand. Naar school gaan kost geld en de beroeps - en technische opleidingen worden vaak ondergewaardeerd."

Hoe denkt u de sociale ongelijkheid weg te werken?
Marleen Vanderpoorten: "De sociale ongelijkheid moet worden aangepakt door grote en blijvende inspanningen, beginnend bij het kleuteronderwijs.
De jongeren helpen de sociale ongelijkheid momenteel niet overbruggen. Een oproep naar de jongeren toe om deze ongelijkheid te slechten is noodzakelijk."

Is het onderwijs werkelijk kosteloos?
Marleen Vanderpoorten: "Momenteel is er bijna geen debat tussen leerkrachten, leerlingen en ouders mogelijk over de kosten van het onderwijs. Het zonder meer invoeren van de maximumfactuur is niet de oplossing. Dit omdat ik heel sterk geloof in de gedeelde verantwoordelijkheid van leerkracht, leerling en ouder."

Dirk Van Damme: "Onderwijs is de motor voor sociale mobiliteit. Dankzij het onderwijs kunnen jongeren uit een sociaal minder begoede groep opklimmen op de sociale ladder. Het behalen van de eindtermen moet volkomen gratis zijn, zodat de jongeren steeds de kans blijven hebben om te klimmen op die sociale ladder. Evenwel, bijkomende activiteiten zullen blijven kosten, aangezien deze niet noodzakelijk zijn voor het behalen van de eindtermen.
Ik vind ook dat ouders mee mogen investeren in ons onderwijs en dan meer specifiek in het voortgezet onderwijs."

Mieke Van Hecke: "De kosten van bepaalde richtingen, zoals hotel en toerisme, kunnen soms enorm oplopen. Toch mag de kostprijs geen reden zijn om iemand ervan te weerhouden een bepaalde richting te volgen."

Waarom krijgen Katholieke scholen minder subsidies?
Marleen Vanderpoorten: "Deze ongelijkheid is voortgekomen uit de historische verschillen. Deze is echter volkomen voorbijgestreefd. Ik ben een voorstander van het gelijkschakelen van financiële middelen voor alle scholen."

Welke stappen kunnen ondernomen worden om de kloof te dichten tussen bijzonder en gewoon onderwijs?
Mieke Van Hecke: "Het scholennetwerk moet dienen als centrum met daar rond nog vele andere actoren. Het enthousiasme om de kloof te dichten is al aanwezig. Echter het laten samengaan van gewoon en buitengewoon onderwijs is zeer arbeidsintensief. Bovendien wordt er tegenwoordig veel te snel doorverwezen en belanden veel kinderen in het buitengewoon onderwijs. Bij een ruimere omkadering en een snellere detectie kan men kinderen met enige achterstand, mits een korte begeleiding, in het gewone onderwijs houden."

Marleen Vanderpoorten: "Ik pleit voor meer inclusief onderwijs. Het mag wel niet té inclusief worden, zodat er toch nog de nodige extra zorg kan verleend worden."

Dirk Van Damme: "Ik heb angst voor overbetutteling door de extra zorgen zodat de taak van de leerkracht wordt achteruitgeschoven. Men mag niet alle mogelijke problemen gaan omkaderen. Voor specifieke gevallen is een specifieke zorgverlening nodig."

"Kinderen en jongeren moeten kunnen participeren in de samenleving en dus zeker ook op school. Leerlingenraden moeten voldoende kansen krijgen om inspraak en participatie waar te maken. Het recentelijk goedgekeurde participatiedecreet erkent de kloof tussen leerlingen, leerkrachten en directie en wil hier ook iets aan doen, maar kan dit wel door regelgeving?"

Wat is het nut van leerlingenraden als er toch niet naar geluisterd wordt?
Dirk Van Damme: "Men moet opletten met de polarisatie tussen leerlingen en leerkrachten. Alles hangt af van het heersende schoolklimaat. Door het sensibiliseren van jongeren kan een participatieklimaat gecreëerd worden.

Marleen Vanderpoorten: "Het participatieklimaat moet worden ingebakken vanaf de kleuterschool. Zowel leerlingen als leerkrachten moeten worden betrokken bij het schoolbeleid. De overheid heeft hiertoe de aanzet gegeven, voor de realisatie ervan zijn er inspanningen nodig van de scholen zelf."

Mieke Van Hecke: "Er is nood aan een attitude waardoor er een meerwaarde wordt gezien in participatie. Als er gezorgd wordt voor een geloof in de meerwaarde van het "samen school maken" zouden vele problemen op schoolniveau kunnen worden opgelost in plaats van op beleidsniveau."

Ruim Plaats
Jongeren kregen de kans om Karin Brouwer - schepen van Jeugd en Ruimtelijke Ordening in Leuven- en Michel Gerits - architect en specialist in kindvriendelijke ruimte- aan de tand te voelen over jongerenruimte en groene ruimte.

"De openbare weg moet "kind"-vriendelijk zijn ingericht en moet tochten in groep mogelijk maken. De verkeersmaatregelen dienen in de eerste plaats de zwakke weggebruiker voor ogen te houden.
We pleiten voor voldoende speelruimte zonder omslachtige aanvraagprocedures. In besprekingen en beslissingen over ruimtelijk ordening moeten jongeren als ervaringsdeskundigen au sérieux genomen worden."

Wat is jongerenruimte?
Jongerenruimte is - aldus Karin Brauwers - een breed begrip, dat eerder drieledig kan opgevat worden:

  • Ruimte thuis
  • Ruimte op school
  • Recreatieruimte
Net dit laatste komen de jongeren te kort. Aangezien Vlaanderen klein is, geraakt al het groen ingesloten door de verlinting. Dit houdt in dat al het groen dat er te vinden is, onbereikbaar is. Als het dan al bereikbaar zou zijn, is het dikwijls privé-gebied, of beschermd gebied, zodat de jongeren het niet kunnen betreden.

Hoe reageert de overheid?
Verschillende steden reageerden hiertegen met de gekende speelstraten. De openbare weg krijgt een nieuwe functie, echter, de automobilisten klagen over een moeilijke doorstroming, oudere mensen geraken moeilijker op hun bestemming…

Wat kan er in de nabije toekomst beter?
Voor Michel Gerrits dienen de jeugd en de dienst van Ruimtelijke Ordening elkaar te ontmoeten. Voor hem is structurele aandacht voor jongeren en een specifieke ruimte aanleggen niet gelijk. Er moet van het begin af rekening gehouden worden met de jeugd, en dat kan enkel door in dialoog te treden zoals nu reeds gebeurt in de stad van Karin Brauwers, Leuven.Hier is een 'jeugdparagraaf' ingesteld, waardoor de jeugd inspraak in de planning van de werken krijgt. Na twee jaar is dit project nog steeds niet volledig in orde, en draait het nog niet voor 100 %.

Is er voldoende groene ruimte in Vlaanderen?
Karin Brauwers vindt van wel, echter, zoals hierboven reeds vermeld is dit niet toegankelijk - bv. Lommel, waar zelfs niets mag gefietst worden in de vele natuurgebieden.

Waarom kan de bevolking deze groene ruimte niet betreden?
Waar vroeger gronden van landbouwers werden over gekocht, of waar landbouwers werden gestimuleerd hun gronden nuttig te gebruiken, gebeurt er vandaag niets meer omwille van budgettaire redenen. Een van de grootste redenen hiervan is het Europees verbod op dividenden van gas en elektriciteit, wat de gemeentes jaarlijks miljarden opleverde.
Zelfs gemeentes die niet blut zijn, stellen hun prioriteiten, en de niet-kiesgerechtigde jeugd hoort hier veelal niet bij. Toch vindt Karin Brauwers, schepen in Leuven, dat een leefbare gemeente groene zones nodig heeft, en dat er dus voldoende aandacht aan dient geschonken te worden.

Werk, Werk, werk… voor jongeren en de vergrijzing
Alle deelnemers van dit debat waren het over de hoofdlijnen met elkaar eens. Allochtone jongeren hebben minder kans om aan de slag te geraken op de arbeidsmarkt. Kris Peeters haalde aan dat een economische groei dit probleem niet volledig oplost. De hele bevolking moet de goede intenties hebben om allochtone jongeren te aanvaarden. Johan Quintelier van het ACV duidde erop dat het begint bij het onderwijs, want 1/7 van de jongeren heeft geen secundair diploma. Fons Leroy, kabinetchef van Vlaams minister van werkgelegenheid Landuyt vond dat we niet mogen neer kijken op de laaggeschoolden van de maatschappij.

Een trajectbegeleidster die jonge laaggeschoolde allochtonen begeleidt, gaf een opmerking omtrent het Rosetta-plan: "Er worden wel veel jobs gecreëerd maar die jobs zijn tijdelijk en eens ze niet meer goedkoop voor de werkgevers zijn, worden die jonge allochtonen terug op straat gezet, dit omdat ze dan te kostelijk zijn, al zijn ze getalenteerd. Dit kan toch niet?

Frank Vandenbroucke wees erop dat hij het Rossetta plan duidelijker heeft gemaakt en dat men dit in de toekomst zal merken. De carrousel die de allochtonen nu meemaken zal dan stoppen. Zo zullen zij van 18 tot 26 jaar onder dat statuut kunnen werken en zullen zich zo ook kunnen integreren in dat bedrijf, zodanig dat de werkgever ook ziet dat die man/vrouw goed presteert.

Kris Peeters vertelde ons dat een onderneming mensen aanwerft om een product te vervaardigen of een dienst te leveren en dit op een zo goed mogelijke manier. Hij wees ons op 3 punten:
1) Er zijn nog altijd knelpuntberoepen die niet ingevuld geraken.
2) Unizo probeert de werkgevers te overtuigen om te investeren in hun werknemers, want ook de werkgevers hebben er alle belang bij dat de werknemers hun werk goed doen.
3) De mentaliteit tegenover de allochtonen moet niet alleen aangepast worden bij de werkgevers, maar ook bij de consument.

Uitleg over de RVA:
Minister van werkgelegenheid en pensioenen Frank Vandenbroucke legde bondig uit hoe zijn beruchte systeem van schrappen van werkloosheidsuitkeringen in elkaar zit. Hij benadrukte dat het zeker niet slechter is dan vroeger en dat de media het te negatief hebben overgebracht. Vroeger moest men na 5 jaar werkloosheid langskomen en bewijzen dat men die 5 jaar naar werk had gezocht, indien niet was u uw uitkering kwijt. Daarnaast is artikel 80 zeer discriminerend ten opzichte van alleenstaanden. Nu zal de RVA maandelijks controleren of u wel naar werk zoekt. Hierbij krijgt u drie kansen. Deze regel geldt voor alle werklozen. Zo eenvoudig is het…

Redactie: Tasha Pauwels, Thomas Heynderickx & Cédric Vloemans
Eindredactie: Chris Demeyere

ZoekenMeer info

Het Weer

Recensies

Nieuws

Cartoons